#blogpraat meetup

Eigenlijk kom ik zelden in een café vanwege mijn slechte gehoor, gecombineerd met nog iets anders – zoals ik beschreef in Waarom ik niet het middelpunt ben op feestjes, mijn nieuwste column voor Onzichtbaar Ziek – maar voor een meetup van #blogpraat maak ik graag een uitzondering.

Daarom kwam ik  eergisteren rond kwart voor vijf ’s middags de hoek om van Tivoli/Vredenburg en daar zag ik hem al staan: Raymond, op Twitter bekend als @rsnijders. Hij stond er nog helemaal alleen, wat voor mij qua verstaanbaarheid wel handig is.

Het gesprek kwam al snel op boeken, taal(fouten) en bloggen en voelde net zo vertrouwd als op maandagavond. Het was alleen wat fris buiten maar we bleven nog wachten op Elja en Karin voor we naar binnen gingen. Langzaam druppelden meer blogpraters binnen. We stonden redelijk in een hoek van Het Gegeven Paard en dat maakte het leuk iedereen zoekend te zien binnenkomen: herken ik avatars? Die vraag stelden wij onszelf ook regelmatig en ik moet zeggen dat het aardig klopte.

En dan is toch ontzettend gezellig om al die blogpraters (weer eens) in het echt te zien. Dan blijkt toch maar weer hoe een blog bij de schrijver ervan past. (En van sommigen ga ik dat nog uitvinden, want dat is ook #blogpraat irl: offline inspiratie opdoen voor offline.)

Conclusies: leuke gesprekken gevolgd en gehad en zoals Irene al schreef: voor herhaling vatbaar op een terrasje (zoals tijdens mijn eerste #blogpraat meetup in 2012).

PS: zoals gewoonlijk weer totaal vergeten foto’s te maken.

Een blog met muziek op de achtergrond

Muziek en ik, het blijft een combinatie met gebreken. Dat besefte ik weer eens toen ik net het YouTube clipje van Peter Gabriel beluisterde op het blog van Jacob Jan. Ik ben van kinds af aan slechthorend. Weliswaar hoor ik met ieder nieuw paar hoorapparaten (iets) beter waarbij de grootste overgang kwam van toen ik in plaats van analoge toestellen digitale kreeg, maar voor muziek blijft het behelpen.

Maar nu heb ik YouTube met Rowwen Hèze op staan. Dadelijk toch maar even WinAMP aanzetten, want die stomme reclame iedere keer.  Al slaat ie nu zomaar een blok over tussen twee liedjes. Rowwen Hèze komt uit de buurt. Kan ik verstaan, nou ja verstaan… dat ligt niet aan het dialect.

Transistorradio

Dat ligt ergens anders aan. Ik weet niet niet hoe de muziek hoort te klinken. Toen ik in de brugklas zat, viel het de muziekdocente op dat ik ongeïnteresseerd was. Ze belde mijn ouders want haar was verteld dat ik bij andere vakken wel oplette. Nou, zeiden mijn ouders, muziek door hoorapparaten klinkt als een transistorradio. Je hoort wel iets, je kunt volgen waarover het gaat, maar mooi is anders.

Nu weet ik dus niet hoe een transistorradio klinkt als je geen gehoorproblemen hebt, maar de vergelijking gaat wel ongeveer op, denk ik. De klank is stukken beter geworden door de digitale hoorapparaten, verstaan blijft echter een probleem. Zeker bij Engelstalige muziek. De tekst kan ik bijna nooit volgen. Bijna altijd versta ik grote stukken niet. En dan moet de muziek wel heel goed zijn, wil ik gegrepen worden.

Begrip is voor mij namelijk essentieel

Ik wil weten waarover het gaat, maar ik ben ook nog eens verwend want ik wil alleen maar begrijpen als ik de muziek mooi vind. Daardoor valt helaas veel muziek af. Als familie of vrienden mij ergens op attenderen doe ik wél extra moeite. Daardoor ben ik de muziek van Queen en Rowwen Hèze gaan waarderen. Die laatstgenoemde versta ik doordat de taal zo bekend klinkt – America ligt hier om de hoek – bijna letterlijk als ik oplet en kan ik zo voor je vertalen.

Bij Engelstalige muziek is dat anders. Zelfs als ik oplet, versta ik weinig en ben ik snel afgeleid en de meeste muziek gaat daardoor volledig aan me voorbij. En we hebben thuis sowieso zelden de radio aan staan omdat ik daardoor gesprekken nooit kon/kan volgen.

Liedteksten bieden uitkomst

Tegenwoordig is het gelukkig een stuk makkelijker. Intrigeert een liedje mij, doe zoek ik de YouTube lyrics variant. En wordt het toch nog genieten. Maar niet vaak omdat muziek helaas geen gewoonte is. Maar gelukkig is het een voordeel dat ik niet het gevoel heb iets te missen omdat ik niet beter weet.

Zwaai niet met je handen maar luister naar de zee

Nee, dit bovenstaande is geen mindfulness tip – al kun je het gezien de frustratie die je misschien met deze tip kunt besparen, daar wel van spreken. Het is dus wel een tip, maar dan speciaal eentje voor mensen die een gehoorapparaat dragen.

Ik beschreef in mijn vorige post dat ik bezig ben met het het testen van nieuwe toestellen en dat dat tot nog toe geen onverdeeld genoegen was. Gisteren kon ik gelukkig weer terecht bij mijn audicien nadat ik haar al eerder telefonisch had uitgelegd wat het probleem was.

Zij stelde toen meteen voor het anti-feedbacksysteem te gaan testen en scherper te stellen. Dat leek me wel want als je werkgever al tegen je begint te roepen dat je dat toestel uit moet doen, dan ontstaat al gauw een onwerkbare situatie.

Ik kon me echter geen voorstelling maken van wat die test in zou houden. Ik wist dat de toestellen aan de computer zouden worden gehangen. Dat gaat via een soort klompje dat aan de onderkant van het toestel vastgeklikt wordt waar dunne draden aan zitten die weer in een plat kastje dat wel iets van een scanner wegheeft maar dan met draadingangen. En die is dan weer verbonden met de computer waar alle instelsoftware op staat. (Ik zal de volgende keer eens kijken of ik tot een betere beschrijving komen, of dat ik nog ergens foto’s kan vinden.)

Wat moest ik nu doen? Ik stelde me zo voor dat ik naar allerlei geluiden moest gaan luisteren om daarbij aan te geven of de toestellen ging fluiten. Gelukkig ben ik niet enige die bedacht heeft dat zo’n test juist voor slechthorenden vrij onpraktisch is. Maar hoe het dan wel moest?

Kijk, mijn oude toestellen hadden nog geen anti-feedbacksysteem. Controleren of ze floten hield simpelweg in dat ik met mijn hand langs mijn oren zwaaide en gekke bekken ging trekken. Als ik niks hoorde – en iemand anders ook niet – dan zat mijn rechtertoestel goed (links is nooit een probleem).

Dat was dus ook de strategie die ik bij het aanmeten toepaste: geen gefluit. En verder stond ik niet bij geavanceerdere methoden stil. Mijn audicien gelukkig wel toen ik mij meldde met mijn klachten.

Toen mijn toestellen aangesloten waren en ik ze weer in had, moest ik stil blijven zitten en niets zeggen. De computer zou testgeluiden naar de toestellen sturen waarmee het fluiten gesimuleerd kon worden en het antigeluid in geprogrammeerd. (Anti-feedbacksystemen zijn erop gebaseerd dat zodra het toestel gefluit waarneemt, er precies het tegenovergestelde geluid wordt geproduceerd zodat het fluiten wordt geneutraliseerd. Door de enorme snelheid waarmee dit gebeurt, blijft gefluit onhoorbaar, ook voor mensen met een beter gehoor).

En dat geluid wat ik te horen kreeg, had wel wat weg van het ruisen van de zee. Daar heb ik vijf minuten naar mogen luisteren gisteren. En het mooie is dat het probleem opgelost is en dat het niet ten koste gaat van de instellingen van mijn toestellen. Vroeger was namelijk zachter instellen van de toestellen soms de enige oplossingen.

Nu eindelijk echt testen!

Hoorapparaten: techniek staat voor…

Dit blog ben ik in eerste instantie gestart vanuit het idee om te gaan schrijven over mijn lichamelijke beperkingen, vandaar ook de naam. Nu gebruik ik het vooral om over hele andere dingen te bloggen, maar gelukkig dekt de titel nog steeds de lading. Nu wil ik weer een keer terugkeren naar het oorspronkelijke idee achter dit blog en schrijven over mijn nieuwe hoorapparaten.

Dat laatste valt nog maar te bezien want ik heb mijn toestellen nog maar op proef en al te tevreden ben ik er niet over. Maar laat ik ergens bij het begin beginnen. Mijn huidige toestellen zijn vijf jaar oud en dan worden reparaties niet meer vergoed en heb je ook weer recht op nieuwe. Vorige maand zocht ik dan ook mijn audioloog weer eens op. Een uitgebreide test en gesprek volgde en ik kreeg weer een verwijzing voor de audicien.

Nieuwe technieken

Tijdens ons gesprek kregen we het uiteraard over nieuwe technieken die de laatste jaren ingang hadden gevonden. Vooral  het feit dat de nieuwste generatie toestellen richtingsgevoelig zijn, zou volgens mijn audioloog veel voordelen bieden. Richtingsgevoeligheid komt er in het kort op neer dat je toestellen ‘zien’ naar wie jij kijkt, met wie je in gesprek bent, zodat wat die persoon zegt / personen zeggen, extra wordt versterkt en andere geluiden gedempt.

Erg interessant, maar ik werd pas enthousiast toen de anti-feedbacksystemen ter sprake kwamen. Ik zei namelijk dat ik met mijn oude rechter toestel regelmatig last had van piepen, fluiten of rondzingen: hoe je het ook noemen wilt: de officiële term voor het fenomeen is feedback. Daar had ik volgens mijn audioloog voortaan geen hinder meer van omdat de nieuwste hoorapparaten een ant-feedbacksystemen hebben. Dat stemde mij erg vrolijk want mijn enige klacht over mijn oude toestellen was eigenlijk dat fluiten.

Het had door een verkoudheid die ervoor zorgde dat ik het maken van de benodigde oorstukjes een week uit moest stellen nog wat voeten in de aarde, maar afgelopen week kreeg ik mijn nieuwe toestellen op proef.

Eerste dagen: so far so good

Tijdens het instellen trok ik mijn gebruikelijke gekke bekken waarmee ik mijn oude toestel (rechts) gegarandeerd mee aan het fluiten, rondzingen enzovoorts kreeg. Nu gebeurde er niets en ik hoorde ook goed.  We dachten thuis echt dat we er waren.

Maar na anderhalve dag…

Niet te geloven: piepen en fluiten. Toestel uitzetten, opnieuw indoen, oorstukje aanduwen (dat hielp bij de oude), het mocht niet baten.  Het was weekend, dus ik kon niks behalve balen. De dag erop ineens weer nauwelijks problemen en nieuwe hoop: zelflerende systemen? Vanmorgen ging het ook goed, tot ik een paar keer merkte iets niet goed te hebben en ik de toestellen harder zetten: niks meer mee te beginnen en van ellende het apparaat maar uit gedaan. En ik had mijn oude toestellen thuis gelaten omdat het zo goed ging.

Uiteraard belde ik (dat doe ik altijd links) de audicien. Ze zei dat er waarschijnlijk wat aan te doen viel. Morgenmiddag, dus ik heb weer hoop en hou jullie op de hoogte.

Wat mij bezig houdt

En daar bedoel ik dus niet mee dat ik het ergens zo druk mee heb dat ik niet meer aan bloggen toekom. Ik ben met een aantal dingen bezig en het lukt nog niet om ze allemaal gestroomlijnd uit te voeren. Is niet erg maar het bloggen schiet er als eerste bij in omdat daar geen extern moeten bij hoort. Nou is dat moeten absoluut niet negatief bedoeld, ik doe doe een heleboel dingen die moeten maar die ik toch heel erg leuk vind om te doen. Mijn werk bijvoorbeeld, mijn volgende vertaling. Mijn uitgever annex voorzitter en penningmeester van de International Biggles Association was niet helemaal enthousiast over mijn blogplan dus dan maar niet, maar we zijn inmiddels gevorderd tot de correctierondes.

Bij werk en vertaalhobby is er dus een extern moeten. Die nieuwe site moet dan en dan worden gepresenteerd en daar moet dit en dat nog voor gebeuren. En die vertaling moet ook voor een bepaalde datum af. Gezonde werkdruk, wat mij betreft.

Misschien hebben mijn blogs ook gezonde werkdruk nodig.

Mezelf een reden geven om te bloggen. Om het mezelf niet te moeilijk te maken neem ik me dus voor om gewoon te bloggen over wat mij bezighoudt. En wat ik daar dan weer van vind.

Richtingsensoren en onhoorbaar geluid

Zo was ik vanmorgen bij het audiologisch centrum. Mijn hoorapparaten zijn weer bijna vijf jaar oud, dus ik heb weer recht op nieuwe. Na wat tests het verwachte nieuws dat mijn gehoor in beide oren stabiel was. Als het anders was geweest, had het me verbaasd omdat mijn gehoor gelukkig al jaren hetzelfde is. Daarna werd het natuurlijk spannender: nieuwe toestellen. Welke zouden het gaan worden en wat kunnen die toestellen dat mijn huidige apparaten niet kunnen? De techniek staat niet stil en er kan steeds meer. Volgens de audioloog kwamen twee toestellen in aanmerking.

Beide hadden de voor mij nieuwe functie van richtingsensoren. Daar ben ik toch wel heel nieuwsgierig naar omdat ik dan misschien eindelijk een gesprek in een rumoerige ruimte kan volgen. Een andere eigenschap van het toestel dat de voorkeur had van de audioloog was dat deze onhoorbaar geluid hoorbaar kan maken. Ja, ja, dat dacht ik ook. Maar dit toestel kon blijkbaar hoge geluiden lager maken waardoor ze weer hoorbaar zijn.

Ik ben benieuwd. Wordt dus vervolgd.

Op mijn zeventiende hoorde ik de vogeltjes pas fluiten

Door dit ontroerende filmpje van een baby die voor het eerst zijn ouders hoort praten en door deze open brief aan horenden van Jacob Jan ben ik zelf ook weer over mijn gehoor na gaan denken. In JJ’s open brief herken ik veel. Ik draag weliswaar geen CI’s maar tamelijk geavanceerde digitale hoorapparaten en het vermoeidheidsaspect merk ik minder. Wel kost luisteren (=verstaan) me soms zo veel moeite dat ik nauwelijks aan het gesprek deelneem.Verder kan ik de brief zo uitprinten en uitdelen aan mijn familie, vrienden en kennissenkring.

Het zette mij dus aan het denken en het leek me nuttig om dat denkproces min of meer op te schrijven. Chronologisch is niet meer te achterhalen sinds wanneer ik slechthorend ben. Niet vanaf mijn geboorte waarschijnlijk omdat toen niets is vastgesteld. Op school, de Mytylschool, maakte ik wel een afwezige indruk en gaf ik soms merkwaardige antwoorden. Maar omdat mijn woordenschatontwikkeling bovengemiddeld was, werd er niet aan slechthorendheid gedacht. Pas na lang aandringen van mijn ouders – thuis miste ik ook veel – werd er toch onderzoek gedaan. Met beide oren hoorde ik rond de 65 procent, vooral in de hoge tonen ontging mij veel.

In 1986 kreeg ik dus buisjes om te kijken of dat hielp. Het bood geen soelaas en een jaar later volgden toch hoorapparaten. Er ging een wereld voor me open, op school kon ik ineens meer dan goed mee en thuis luisterde ik uren en uren naar cassettebandjes, vooral sprookjes waren favoriet. Wat ik ook erg leuk vond was mezelf opnemen en wat ik gezegd had steeds opnieuw beluisteren.

Met of zonder hoorapparaten bleek dus een levensgroot verschil. Een verschil dat 10 jaar later nog groter werd. Ik kreeg de nieuwe digitale toestellen in plaats van analoge. Ik herinner me nog goed hoe ik weer buiten kwam nadat ik de toestellen aan had laten meten. Het was zomer en ik hoorde me toch een hoop geluid. Geen idee wat het was, nooit eerder gehoord. Het bleken kwetterende vogels te zijn. Tja, ik had weleens een uil, kippen of een koekoek gehoord, maar kwetterende vogels. Nee, die hoorde ik echt voor het eerst op de dag dat ik mijn digitale hoorapparaten kreeg.

Zo werd de wereld steeds groter, maar het spreekwoord “Het is een klein wereldje” blijft helaas toch gelden. Niet dat mijn wereldje te klein is, maar mijn gehoor blijft me parten spelen. Het is een van de oorzaken dat ik in groepen, bijvoorbeeld op school of tijdens mijn studie, toch een buitenbeentje bleef.In die groepen en rumoerige omgevingen heb ik eigenlijk niks te zoeken, maar ik heb natuurlijk ook mijn strategieën om er in voorkomende gevallen – ik kan ik niet aan ontkomen en soms zoek ik ze bewust op – maar daarover later meer. Voor nu: hoe goed hoorapparaten ook zijn, normaal functionerende levende oren blijven altijd beter.

 

Ik heb er weer 4 oren naar

Ik zeg weleens dat ik 4 oren heb.
Met mijn 2 natuurlijke oren
hoor ik ongeveer 2/3e van alle geluid.
Dat haalt voor het verstaan dus weinig uit.

Het duurde alleen lang voor we daar achter waren.
Pas op mijn 5e werd mijn slechtere gehoor erkend.
En op mijn 6e kreeg ik 2 hoorapparaten.
En iedere 5 jaar nieuwe en ook iedere keer
weer doe ik nieuwe ontdekkingen.

Zo gingen de vogeltjes pas op mijn 16e fluiten,
daarvoor had ik ze nog nooit gehoord, ik wist niet wat ik hoorde.

Vandaar dat ik zo blij ben met mijn 4 oren.
Samen hoor ik volgens de laatste laatje metingen bij de audicien
96 procent van wat er gezegd wordt, zonder mijn 2 extra oren
ligt dat percentage op ongeveer 65 procent.

Soms echter is 1 van mijn hulporen stuk. Dat overkwam me vlak voor Kerst.
Van de audicien kreeg ik een reserve hulpoor. Maar dat was behelpen.
Ik verstond vaak niet wat mensen zeiden, moest tot vermoeiens toe
vragen of ze iets konden herhalen en maakte daardoor een afwezige indruk.

Vandaag was mijn vertrouwde 4e oor weer klaar. De audicien gaf het me
en ik deed het in: wat een weelde, alles klonk weer kraakhelder als vanouds.
Nou ja, als vanouds. Het klinkt zo duidelijk dat ik er soms van schrik.
Maar ik ben blij dat ik er weer 4 oren naar heb.

 

En dan is er muziek, of niet

Vandaag was ik om de een of andere reden bezig met muziek. Nou ben ik al slechthorende nooit een heel groot liefhebber van muziek geweest. In de brugklas werd schijnbaar geconstateerd dat ik bij alle lessen goed oplette – gezien die constatering valt in retrospectief wellicht vast te stellen dat anderen minder scherp observeerden – behalve bij muziek.

Hoe kwam dat, wilde men op school weten. Mijn ouders legden uit dat ik met mijn hoorapparaten muziek hoorde alsof het uit een transistorradio kwam. Dat stelde de muzieklerares gerust. Het maakte mij echter nieuwsgierig. Ik verstond teksten bij muziek zelden tot nooit en instrumentale begeleiding klonk ook nooit echt fideel. Misschien klonk het voor mij altijd hetzelfde als voor goedhorenden die naar een transistorradio luisterden.

Geen idee, eigenlijk. Mijn gehoorbeschadiging heb ik op zo’n jonge leeftijd opgelopen dat ik geen  herinneringen heb aan een normaal gehoor. Het antwoord op de vraag zal dan ook altijd in nevelen gehuld blijven.

Toch muziek

Gelukkig heeft het antwoord op die vraag me nooit echt beziggehouden en werden mijn hoorapparaten door de digitale revolutie steeds beter. Ik begon langzaam van muziek te genieten. Dire Staits, Queen en ook Nederlandse muziek uit America. En ik begon weer later uit te gaan, waarbij ik mij – zoals eerder beschreven – opperbest vermaakte met bierviltjes. Vooruit, ook met bier.

Praten lukte door de muziek niet echt, maar de oplossing lag dus onder de bierglazen. Daardoor hield ik tijd over om naar klassiekers als Weiss der Geier of Looking for freedom – een liedje dat vooral doordie Wende bekend is geworden. En dan bedoel ik niet die Wende van wie ik nog weer later de Franse chansons ben gaan waarderen. Volgen jullie het nog? Verklarende links volgen mogelijk dit weekend.

Kroegmuziek werd Zomerfeesten

Mijn toenmalige stamkroeg organiseerde (en organiseert) jaarlijks Zomerfeesten, ouder dan Pinkpop. Helaas pas na vijf jaar jaarlijkse traditie geworden, waardoor Pinkpop ouder lijkt. Er werd regen voorspeld, dus ik regelde een backstagepasje. Ik kan zelf prima tegen water/regen, maar mijn hoorapparaten een stuk minder. Helaas zat er indertijd een schuifschakelaar bovenop de toestellen om de hoorapparaten mee aan- en uit te schakelen. Verduiveld handig bedacht door de slimme ingenieurs, natuurlijk. Alleen; jammer dat er een gapend gat aan de bovenkant van de toestellen zat. Je raadt het al. Daar viel altijd regen in. Kon ik de toestellen te drogen leggen.

Gelukkig zijn de ingenieurs nu wel slim en hebben ze de schuifschakelaar verwijderd. Ze ontdekten namelijk iets wat hoortoesteldragers allang wisten. Als je het batterijcompartiment opent doet een toestel het ook niet. Eureka! Dat zit aan de onderkant waardoor waterschade bijna helemaal tot het verleden behoort.

Backstage

De oplossing op de Zomerfeesten was backstage gaan. Geen artiesten gezien, wel droog gestaan. En per ongeluk nog op Omroep Brabant te zien geweest ook nog, als figurant. Het was toen wel droog. Misschien kon de camera ook niet tegen water.

Je moet er (bij) zijn geweest: als slechthorende (2)

Vanmorgen schreef ik door tijdgebrek deel 1 van deze post. Ik beloofde een strategie voor hoe je als slechthorende kunt zorgen dat als je ergens (bij) bent geweest, je toch wat mee krijgt. Dat zal ik hieronder doen in twee delen. Allereerst de strategie, vervolgens het resultaat van die strategie in een concreet voorbeeld.

Strategie in 10 stappen

  1. Meld je aan voor een bijeenkomst en bekijk of je ergens een deelnemerslijst of sprekerslijst kunt vinden. Websites of LinkedIn doen het goed.
  2. Selecteer een (beperkt) aantal interessante mensen die je zou willen spreken. Dat zou bijvoorbeeld een spreker tijdens de bijeenkomst kunnen zijn.
  3. Kijk of die betreffende persoon een blog, Twitter- of LinkedIn-account heeft en bekijk deze.
  4. Maak aan deze persoon kenbaar dat je naar “bijeenkomst X gaat en dat je benieuwd bent naar zijn of haar bijdrage”. Als je dit kenbaar maakt via Twitter is het voor de zichtbaarheid en de mogelijkheid tot retweeten handig als je dat doet met een @mention in een lopende zin in plaats van een @reply aan het begin.
  5. Ga met het openbaar vervoer naar de bijeenkomst. Waarom leg ik dadelijk uit.
  6. Tijdens de bijeenkomst heb je hierdoor een mogelijkheid die persoon aan te spreken. Hij of zij kent je (gezicht) immers mogelijk al van de tweet.
  7. Is het rumoerig tijdens de bijeenkomst, of tijdens de borrel na afloop van de bijeenkomst, blijf dan in de buurt van de persoon hangen die je wil spreken, neem een hapje plus een drankje en knik af en toe wijs. Of stel een vraag. Als je het antwoord niet verstaat kun je best kenbaar maken dat je slechthorend is of dat het gebouw architectonisch bewonderenswaardig is vervaardigd maar dat de akoestiek helaas een ondergeschoven kindje was.
  8. Langzaam wordt het rustiger. Iedereen gaat naar huis. Jij blijft bij de persoon die je wilt spreken en doet wat hij of zij doet.
  9. Uiteindelijk krijg je de persoon dan te spreken. Met een beetje geluk spreek je hem of haar één op één. Hier is punt 5 van belang. De parkeerplaats is meestal dichterbij dan het station. Als je het geluk hebt dat de persoon die je wilt spreken ook met de trein is heb je dus de kans op een langer gesprek. Misschien heb ik dubbel geluk dat mijn gehoor goed genoeg is om al lopend een één op één gespek te kunnen volgen.
  10. Verloopt het gesprek geanimeerd, laat het dan tot beider genoegen zo lang mogelijk duren en vergeet tot slot vooral niet af te spreken het gesprek digitaal voort te zetten. Verloopt het gesprek niet geanimeerd, dan zorg je er beleefd voor dat het gesprek kort blijft en laat je het digitale uiteraard achterwege.

Voilà. In tien stappen een effectieve netwerkcommunicatiestrategie voor slechthorenden. Ik hoop dat het voor goedhorenden ook werkt.

Je gelooft niet dat het werkt?

Het voorbeeld uit de praktijk

Op 20 april was ik bij een lezing van schrijfster Claire Polders. Ik las haar blog en maakte mijn aanwezigheid via Twitter bij haar bekend. De lezing was interessant en na afloop luisterde ik (en verstond ik veel want de akoestiek was goed). Ik sprak nog wat oude vrienden en na afloop liepen Claire en ik samen pratend naar het station. We hadden wat gemeenschappelijke interesses en ik sprak tegen haar voor eerst in het openbaar mijn ambitie uit om zelf naast mijn vertaalwerk ook te gaan schrijven. Te beginnen met een blog omdat ik twee weken daarvoor veel positieve reacties kreeg op een blog voor Reëlle (daar werk ik, voor nieuwe lezers). Weliswaar diende het onderwerp voor het blog zich pas een paar weken later aan, maar Claire was de eerste die van mijn plannen hoorde.

Let op je oren, laat wat van je horen!

Een aantal tips rond gehoorbeschadigingen (1)*

Vandaag geen vrolijke blog van mijn toetsenbord, alhoewel; je weet bij die vingers van mij maar nooit. Ik zag vandaag door de aankondiging van @nvvs een reportage bij Een Vandaag over de gevolgen van gehoorschade bij jongeren als gevolg van disco- en clubbezoek. Het is een onderschat, maar helaas al jarenlang bekend probleem. Ik kom al een jaar of 25 bij het Audiologisch Centrum Eindhoven en al jaar of 15 hoor ik de verhalen dat ze het druk hebben doordat jongeren (vaak) totaal niet met hun gehoor bezig zijn.

Mijn gehoorschade heb ik overigens vermoedelijk op mijn tweede opgelopen als gevolg van een dubbele oorontsteking of bij mijn geboorte, dat is nooit duidelijk geworden. Voor degenen die het item gemist hebben, je kunt het hier alsnog kijken. Lees ook de reacties.

Hieronder nog wat links als aanvulling:

PIEPinOOR.NL De site van Thomas van de Berg, die ook in de Uitzending van EenVandaag aan het woord komt.

Oorveilig Een site met tips tips over hoe je veiliger voor je oren kunt uitgaan, alsmede informatie voor clubs over het oorveilig-keurmerk. Ook uit de Uitzending van Een Vandaag.

Earopeners Site in aanbouw van mijn blogvriend, Jacob Jan. Overigens kennen we elkaar ook IRL van een bijeenkomst van de NVVS..

NVVS De site van de Nederlandse Vereniging voor Slechthorenden, boordevol informatie. Organiseert ook regelmatig nuttige bijeenkomsten weet ik uit ervaring (zie vorige link).

Een filmpje zegt meer dan duizend woorden. Dus; dit wil je toch niet je hele leven horen omdat je zo nodig iedere week naar de disco moet.

Hoe klinkt tinnitus? Met dank aan Jacob Jan Voerman

Bekijk hieronder de reacties op het filmpje:

Hoe klinkt tinnitus?

Hetzelfde filmpje hier nogmaals, vanwege de andere reacties:

Hoe klinkt tinnitus?

Lijkt mij een ramp om dit de hele dag te moeten horen. Als het overkomt zoals Jacob Jan is dat erg, maar als je weet dat het te voorkomen is en het overkomt je dan nog…

Nog enkele tips ter bevordering van de conversatie.

  • Gebruik (sociale) media om vooraf en achteraf je aanwezigheid kenbaar te maken bij evenementen waar grote groepen mensen aanwezig zijn. Gedurende het evenement kun je discussies vaak prima volgen via hashtags.
  • Maak je slechtere gehoor bespreekbaar. Vaak waarderen mensen het als je als slechthorende toch moeilijke situaties opzoekt en doen dan extra hun best om zich verstaanbaar te maken.
  • Praat zelf veel, vat samen wat jij hebt gehoord en laat zo weten wat jij hebt meegekregen van het gesprek. Je hoeft daardoor minder te luisteren. Het is wel handig als je wat leuks of interessants te melden hebt. Doe dus vooraf je huiswerk. Dat kost wat tijd maar leverde mij achteraf vaak leuke contacten op.

Meer tips of aanvullende sites? Laat het me vooral weten via een reactie op dit blog of via Twitter.

* Dit is het eerste deel van een doorlopende serie. Het is mij op dit moment onbekend uit hoeveel delen de serie zal gaan bestaan. Dat hangt mede van jullie reacties en tips af.