Inhoudsopgave

Voor mijn boek in wording vond ik het erg gemakkelijk om er elke dag aan te schrijven. Dat kwam omdat ik voor mijn boek werkte met een inhoudsopgave aan onderwerpen. Ik had er een lijstje van gemaakt in OneNote en ik hoefde dus alleen iedere dag of te kijken wat ik die dag zou gaan schrijven. Voor zover dat nog nodig was want ik kende de inhoudsopgave min of meer van buiten. Ik wist dus altijd wat ik wilde schrijven. Aan een paar woorden had ik genoeg.

Voor mijn blog werk ik altijd heel anders. Regelmatig weet ik waarover ik ga schrijven, maar vaak ook niet. Natuurlijk, ik heb mijn series waardoor ik iets meer richting heb, maar in wezen staar ik soms naar het witte scherm zonder echt een idee over wat er komen gaat. En dat staren vermijd ik dan maar helemaal. Dat is ook een reden waarom dagelijks bloggen mij tot nu toe niet wil lukken, op een enkele uitzondering lang geleden na.

Wil ik dus echt dagelijks gaan bloggen dan zal ik dus onderwerpen in voorraad moeten gaan leggen. Een reden dat ik dat niet eerder heb gedaan, is dat ik het idee had dat het schrijfplezier er minder door zou worden maar door mijn NaNoWriMo project heb ik nu gelukkig gemerkt dat dat totaal niet het geval hoeft te zijn. Dat heeft me positief verrast. Dus ik denk dat ik een dezer dagen toch maar een keer ga brainstormen over onderwerpen.

Ik heb voor deze maand alvast één onderwerp bedacht. Blijf het volgen dan merk je het vanzelf. Een ander punt is dat ik hier meestal schrijf vanuit kennis die ik al heb; er gaat meestal weinig studie aan vooraf. Dat gold ook voor mijn boek in wording, dat was grotendeels bestaande kennis en ervaring. Een voorbeeld van een serie waar ik onderzoek voor nodig had, was mijn reeks over gewoontes. Daarvoor moest ik boeken lezen. Dat was allesbehalve een straf maar ik merkte wel dat erover schrijven nog wat moeilijker ging. Daar verbetering in aanbrengen is ook een doel. Dat zou kunnen door iets beter aantekeningen te maken en door in de weekenden alvast wat na te denken over het wat en hoe van het eigenlijke schrijven.

Kortom, er zijn wel degelijk een paar dingen die ik van deze langdurige schrijfoefening wil leren: onderwerpen genereren en onderzoek doen voor het schrijven. Natuurlijk kan ik dat, ik heb het tijdens mijn studie vaak genoeg gedaan maar dat is inmiddels alweer ruim tien jaar geleden. Die vaardigheid opfrissen kan geen kwaad. Al is het maar omdat ik nog een reeks artikelen wil schrijven over Captain W.E. Johns als publieke intellectueel rondom het Verdrag van München uit 1938.

~~~

Afbeelding van Gerd Altmann via Pixabay

Wil ik iedere dag?

Vanmorgen heb ik mijn NaNoWriMo project afgerond. Dat wil zeggen: de eerste versie. Over een aantal maanden de revisie, nu eerst even wat afstand. Ik moet zeggen dat ik het heerlijk vond om dagelijks met het boek bezig te zijn. Het was een onderwerp waarover ik het hier ook wel eens gehad heb en dat me aan het hart gaat. Maar daarover morgen meer.

Vandaag wilde ik het hebben over iets anders. Ik heb in totaal 29 dagen zonder onderbreking aan het boek gewerkt. Ik bedoel daarmee natuurlijk zonder een dag over te slaan, iedere dag ongeveer een uur en dat ik is me goed bevallen. Zo goed dat ik overweeg om er een dagelijkse gewoonte van te maken. Je weet wel, dat andere onderwerp waar ik het op dit blog vaak over heb gehad en waarvan ik toch het ernstige vermoeden heb dat ik er nog een keer op terug ga komen. Maar laat ik wat dat betreft niet op de muziek vooruitlopen.

Zoals gezegd: ik heb genoten van het schrijfproces. Zo zeer zelfs dat het me niet alleen op het gebied van gewoontes aan het denken heeft gezet. Ik koos ooit voor een nieuwe richting door het pad van web developer in te slaan. Dat paste bij mijn karakter, zo bleek uit testen en uit de praktijk. Alleen blijkt mijn wiskunde iets tekort te schieten waardoor het vak in de harde werkelijkheid (te) hoog gegrepen was. Het was vooral het creatieve, het maken van websites, dat me aansprak. En dan meer specifiek het (programmeer)talige. Het (grafisch) ontwerpen van een site sprak me veel minder aan.

Tijdens mijn schrijfmaand realiseerde ik hoezeer schrijven in die zin lijkt op programmeren. Bij beide maak je iets met taal waar de ander hopelijk iets aan heeft. Dat opent voor mij het pad naar vaker schrijven, gecombineerd met het plezier dat ik eraan beleef. Dus ik ben van plan door te gaan met schrijven, niet meer in Word, maar hier op mijn blog. Na ongeveer vier weken iets doen heb je volgens Leo Babauta een gewoonte te pakken, dus die heb ik alvast in mijn tas. Laat ik die gewoonte hier voortzetten.

En als nieuwe dagelijkse gewoonte wil ik meer lezen. Ik lees weliswaar behoorlijk veel en ik heb mijn doelen voor dit jaar al gehaald, maar het is erg onregelmatig. Zo lees ik weken achtereen iedere dag, dan weer weken helemaal niet. Dat vind ik jammer want ik beleef wel heel veel plezier aan lezen; een plezier dat ik vaak niet beleef aan de gemaksvervanger die meestal dienst heeft, namelijk de televisie, of YouTube. Dan pak ik liever wat regelmatiger een boek. Ik ben gisteren al begonnen. Hopelijk houd ik het nu wat langer vol. Aan het aantal interessante boeken die op me wachten, zal het zeker niet liggen.

~~~

Afbeelding van Pexels via Pixabay

De waarde van blogs – afscheid #blogpraat

GoodbyeVanavond vierden we dat #blogpraat 10 jaar bestaat. En het was meteen de laatste keer. Toen ik de aankondiging van dit afscheid las, moest ik uiteraard terugdenken aan mijn kennismaking met #blogpraat. Dat was in de zomer van 2012. Ik was nog maar net begonnen met bloggen of ik kwam al een verwijzing naar #blogpraat tegen.

Dat zat zo. Ik was door mijn toenmalige werkgever naar een bijeenkomst gestuurd van de Nederlands Vereniging voor Slechthorenden. En daar was ook Jacob Jan Voerman. En die was erg enthousiast over bloggen, een enthousiasme dat ik kon begrijpen na een blog dat ik had geschreven voor ons bedrijfsblog.

Uiteraard ging ik Jacob Jans blog opzoeken en lezen. Laat nou een van de eerste reacties die ik las op op zijn blog afkomstig zijn van ene Elja Daae. Die kende van een bepaald artikel over Facebook bedrijfspagina’s. Ze bleek nog een eigen blog te hebben ook. Zo kwam ik dus al heel snel in mijn blogcarrière in aanraking met #blogpraat.

En ik viel met de neus in de boter want na afloop van letterlijk de eerste #blogpraat waar ik aan meedeed werd een tweetup aangekondigd. Daar ging ik dus naartoe en ik kan me als de dag van gisteren herinneren hoe gezellig het was. We bleven met ons vieren over op het zomerse Haagse terras: Guido (@HappyHotelier), Elja (@EljaDaae), de inmiddels Twitterloze Peter (toen nog bekend als @Petepel) en ondergetekende (@paul_vd_werf).

Dat is voor mij de echte waarde van blogs: het gevoel hebben de mens achter te leren kennen of juist andersom. Een blog mag passie voor een onderwerp laten zien en ik heb er vele voorbij zien komen in de jaren dat ik op maandagavond tussen 20:00 en 21:00 afstemde op #blogpraat. Leerzaam en inspirerend.

Wat een blog soms met mij doet en waar een blog echt waarde krijgt

Het mooiste aan blogs lezen vind ik toch dat ik een aantal posts heb gelezen die me echt tot actie hebben aangespoord.

Dat was een blog van Elja over de mooc Learning how to learn. Niet veel later begon ik aan een omscholing en moest ik vooraf een assessment doen. Het zou moeilijk, heel moeilijk worden, werd mij verteld. Dat viel mee, door die tips die ik in eerste instantie via Elja had opgedaan, ging het me veel beter af doen vooraf werd verwacht.

Dat was dus een post met impact maar de grootste impact had toch wel de post Love moved me to write this for you van Peter Pellenaars. Ik liet me uitdagen en wende me verschillende gewoontes en hielp me uiteindelijk zelfs van een bijwerking van medicijnen af waarvan mijn behandelaar zei dat het een bekend probleem was waar helaas weinig aan te doen viel.

Dat was dus buiten de kracht van blogs en #blogpraat gerekend.

Afbeelding door pasja1000 via Pixabay

If else

if else

Als je mijn blog vaker leest, dan weet je misschien dat ik bezig ben met een omscholingstraject richting web development. Dat gaat prima maar binnenkort meer daar over.

Net viel me echter een bekend patroon op. Of beter gezegd, het viel me op dat mijn beslissingsproces over de vraag of ik vandaag wel of niet blog sterk lijkt op de manier waarop een computer keuzes maakt. In wezen is er daarbij alleen ja of nee en dat ja of nee wordt bepaald door allerlei voorwaarden – waaraan wel of niet wordt voldaan.

Als dit of dan voert de computer een bepaald codeblok uit. Wordt aan een voorwaarde niet voldaan, dan wordt er geen of een ander stuk code uitgevoerd.

En eigenlijk blog ik vaak op dezelfde manier

Ik stel allerlei voorwaarden. Als ik een onderwerp heb, als ik tijd heb, als ik vandaag niet heb toegegeven aan allerlei slechte gewoontes; dan blog ik. Voldoe ik aan al die voorwaarden niet, dan treedt de else constructie in werking: ik blog vandaag niet.

Vandaar dat het dus nog niet echt wil vlotten met de activiteit op dit blog. En dan zit me behoorlijk dwars. Daar dacht ik dus vanmorgen al nieuwsbrief lezend over na. Eigenlijk gaan van de dingen die ik vaker wil doen vooral die dingen me gemakkelijk af waar ik geen voorwaarden aan heb gekoppeld en en waar ik mee ben begonnen terwijl ik mee las met het project over het aanwennen van gewoontes waar Peter vorig jaar over blogde aan de hand van het Zen habits boek van Leo Babauta.

Grote verschil: geen voorwaarden maar gewoon doen.

En dat me ook voor dit blog een goede insteek. Dus laat ik voortaan mijn if (voorwaarde) {doe dit;} (else {doe dat;}) constructies aan de programmeertalen en zijn schrijfvoorwaarden op dit blog hopelijk taboe.

@foto VIA PIXABAY met CC0 verklarinG

#blogpraat meetup

Eigenlijk kom ik zelden in een café vanwege mijn slechte gehoor, gecombineerd met nog iets anders – zoals ik beschreef in Waarom ik niet het middelpunt ben op feestjes, mijn nieuwste column voor Onzichtbaar Ziek – maar voor een meetup van #blogpraat maak ik graag een uitzondering.

Daarom kwam ik  eergisteren rond kwart voor vijf ’s middags de hoek om van Tivoli/Vredenburg en daar zag ik hem al staan: Raymond, op Twitter bekend als @rsnijders. Hij stond er nog helemaal alleen, wat voor mij qua verstaanbaarheid wel handig is.

Het gesprek kwam al snel op boeken, taal(fouten) en bloggen en voelde net zo vertrouwd als op maandagavond. Het was alleen wat fris buiten maar we bleven nog wachten op Elja en Karin voor we naar binnen gingen. Langzaam druppelden meer blogpraters binnen. We stonden redelijk in een hoek van Het Gegeven Paard en dat maakte het leuk iedereen zoekend te zien binnenkomen: herken ik avatars? Die vraag stelden wij onszelf ook regelmatig en ik moet zeggen dat het aardig klopte.

En dan is toch ontzettend gezellig om al die blogpraters (weer eens) in het echt te zien. Dan blijkt toch maar weer hoe een blog bij de schrijver ervan past. (En van sommigen ga ik dat nog uitvinden, want dat is ook #blogpraat irl: offline inspiratie opdoen voor offline.)

Conclusies: leuke gesprekken gevolgd en gehad en zoals Irene al schreef: voor herhaling vatbaar op een terrasje (zoals tijdens mijn eerste #blogpraat meetup in 2012).

PS: zoals gewoonlijk weer totaal vergeten foto’s te maken.

Meer dan een handicap

Gehandicapt, een beperking, een etiketje? Het zegt me allemaal niet veel. Ik ben van alles: tekstschrijver, lezer, vertaler, voetballer, vriend, reiziger, enz. En ja, ik ben lichamelijk gehandicapt en slechthorend. En dan heb ik ook nog iets, maar daar kwam ik pas veel later achter. Die lichamelijke handicap en slechthorendheid zijn maar een klein onderdeel van mijn persoonlijkheid. Ik sta nu nauwelijks meer bij deze beperkingen stil.

Dat wil echter niet zeggen dat dat mijn beperkingen geen invloed op mijn leven hebben gehad. Dat hebben ze wel degelijk. Mijn lichamelijke handicap zorgde ervoor dat ik naar de Mytylschool ging. Daar bleek dan weer dat ik mij lichamelijk dusdanig goed ontwikkelde dat ik in groep zes naar de openbare basisschool kon in het dorp waar ik woon. Ik kon toen inmiddels ook goed leren. In de eerste jaren Mytylschool was ik erg afwezig en gaf ik rare antwoorden. De conclusie was gauw getrokken: ik liep een beetje achter. Mijn ouders hadden een ander idee: misschien was ik wel slechthorend. Dat geloofde niemand. Maar uiteindelijk werd mijn gehoor toch onderzocht. Wat bleek? Met beide oren hoorde ik slechts 65 procent. Een jaar buisjes geprobeerd. Dat hielp niet. Op mijn zesde kreeg ik toen hoorapparaten: ineens kon ik wel mee in de klas en gaf ik antwoorden die ergens op sloegen.

Jarenlang ging alles goed. Basisschool werd gymnasium, zesde klas. Goede cijfers, ik hoefde het diploma alleen nog maar te halen. Helaas: dat ging niet door. Ik kreeg psychische problemen. Toen onverklaarbaar, nu denk ik dat het te maken had met een sociaal isolement waarin ik onbewust door mijn slechtere gehoor terecht was gekomen en nog wat andere oorzaken, zoals het niet kunnen halen van mijn rijbewijs. Afijn, ik zakte als een baksteen.

In die zomer kreeg ik echter mijn problemen onder controle en het jaar daarop slaagde ik zonder problemen. En dat terwijl een onderzoeker aan het einde van mijn depressie zei dat ik volgens de uitkomsten van zijn tests slechts met moeite de mavo aan zou kunnen. “Nou, meneer. Ik heb zonder al te grote problemen vijf gym gehaald…”

Vergissen is dus menselijk. Gymnasium werd universiteit. Helaas: na twee jaar opnieuw psychische problemen. Nu echt de tijd genomen om het uit te zoeken, want medicijnen pakken alleen de gevolgen aan. Na lang zoeken was er een diagnose: vertraagde informatieverwerking. Ik geef toe, dat was even slikken en paste niet echt bij studeren aan de universiteit. Maar wel bij het niet halen van mijn rijbewijs. En mij werd ook meteen verteld dat vertraagde informatieverwerking niets met intelligentie te maken had. Mijn psychische problemen konden daardoor worden verklaard. Ik overschatte mezelf, wilde te snel en probeerde achterstanden tevergeefs in te halen, wat voor mijn gemoed niet best was.

Nu ik dit weet gaat het prima. Al heb ik nog wel twee jaar extra studievertraging opgelopen door met mijn medicijnen te stoppen. Maar universiteit werd een baan en een nieuwe baan. Een baan die de cirkel rond maakte. Want dat hun beperkingen slechts een klein onderdeel van hun persoonlijkheid zijn, laat iedereen zien die ik dankzij Reëlle heb leren kennen.

~~~

Update 6 april 2022

Dit was op 6 april 2012 mijn allereerste blogpost, die ik schreef voor mijn toenmalige werkgever Reëlle. Daar is de post inmiddels niet meer terug te vinden dus leek het me aardig om het verhaal waar het bloggen voor mij allemaal mee begon hier neer te zetten. Met de kennis van nu vind ik het wel wrang om te lezen. Nauwelijks drie maanden na deze post bleek dat ik de plank flink had misgeslagen.