#50 books – vraag 48 – Geen schatten ergens opgeborgen

Hebben jullie nog boeken ergens opgeborgen in dozen? Zo ja, waarom?

Dat is alweer Peters 48e vraag uit zijn 50books reeks. Helemaal waar is de titel van deze blogpost niet. Om de vermoedelijk volledige waarheid te zeggen zou ik “geen onbekende schatten opgeborgen opgeborgen”  moeten schrijven. Ergens opgeborgen betekent in mijn geval achter de schuifdeuren in de schuine wanden op onze twee slaapkamers boven. Daar bergen we letterlijk alles op wat we niet meer nodig hebben of tot het moment dat het eens per jaar weer nodig is, zoals onze kerstspullen.

Maar daar liggen geen onbekende boeken

Denk ik althans. Het is me nu te laat om het nu te controleren. Er slaapt al iemand en het openen van de schuifdeuren gaat gepaard met flink wat herrie. Morgen zal ik controleren of gelijk heb dat echter de schuifdeuren niets meer te vinden is dan een stuk of acht boeken uit de Pim Pandoer-reeks die ik ooit van mijn peettante kreeg. Die boeken met halflinnen omslag kwamen geloof ik uit een school en vielen door veelvuldige lezing ongeveer uit elkaar. Een aantal hebben we, meen ik, versterkt met witte tape. Maar de boeken zagen er niet uit hoewel me ik daar niet door liet weer houden en er een paar wel las. Door de slijtage leken de boeken m echter geen sieraad voor mijn boekenkasten, vandaar dat ze in een plastic tas achter de schuifdeuren belandden.

MSX 2

Onze allereerste computer was een MSX 2 NMS 8245 van Phlips. Later werd die vervangen door een tot de NMS 8255 omgebouwde NMS 2850. Dat ombouwen hield in dat er 2  720 Kbdiskdrives in plaats van 1 in werd gezet. Vanwaar nu dit technische verhaal? Die tweede MSX 2 heb ik nog steeds en hij staat achter de schuifdeuren en hij vergezeld door een boeken over MSX DOS, MSX BASIC en Home Office en enkele mappen met gekopieerde handleidingen zoals voor tekstverwerker Tasword. En voor een of andere programmeertaal voor kinderen wiens naam mij nu ontschiet waarmee je met een schildpad kon leren programmeren.

Dat is alles wat mij aan boeken opgeborgen is. Goed, goed, ik heb ook nog wat ringbanden en readers uit mijn studietijd achter de schuifdeuren verbannen, maar de rest staat keurig in het zicht in kasten of op planken. Alhoewel, in de huiskamer staat een kast waarin op de planken boeken staan waarop het zicht is ontnemen door mandjes en cd-boxen.

#50books – vraag 46 – jongenboeken soft?

Welke liefdesgeschiedenis(sen) heb je ooit gelezen die je iedereen zou willen aanraden ook te lezen?

Dat is Peters 46e #50books vraag. Voor deze vraag heb ik bij uitzondering een inzending van iemand anders gelezen voor ik zelf de vraag heb beantwoord. En ik moet toegeven dat ik het erg jammer vind dat ik bij de beantwoording van deze vraag niet zelf aan Narziß und Goldmund van Hermann Hesse heb gedacht. Dat had Martha namelijk al gedaan en ik kan het alleen maar met haar eens zijn. Ik las het boek ook voor mijn lijst – net als de hele klas want het was het favoriete boek van de docent – in één ruk uit. Jaren later kocht ik het in het Nederlands maar ik was bang dat het boek in de vertaling leek het enigszins zijn magie was verloren dus heb ik het nog niet herlezen. Misschien toch maar een kijken waar het ook alweer staat. Ik heb het inmiddels al gevonden.

En dan te bedenken dat Het kralenspel volgens een klasgenoot een nog mooier boek van Hesse is. Ook dat boek staat op een plank. Maar ik dwaal af bij de beantwoording van Peters vraag. Liefdesgeschiedenissen lees ik niet veel. Tenminste zuivere liefdesgeschiedenis, waarin de liefdesgeschiedenis het hoofdthema is. Of het is in ieder geval niet het thema dat ik onthoud bij het lezen van boeken. Maar ik moest bij het lezen van de vraag meteen aan Arendsoog en Witte Veder en niet veel later aan Biggles, Algy, Ginger en Bertie denken. Avonturenboeken waarin vrouwen slechts een zeer beperkte rol in spelen. Ja, Arendsoog heeft een jonger zusje, Ann, en woont nog bij zijn moeder. Toch kwam in de boeken volgens een discussie op het Arendsoog Forum enige romantiek voor, hoewel zeer beperkt. Blijkbaar was een getrouwde Arendsoog voor de schrijvers een brug te ver.

Maar misschien hebben de schrijvers daar geen gelijk in want 2 leden van het Arendsoog Forum schreven fanfictie verhalen waarin zij Arendsoog en Witte Veder lieten trouwen. Marthe en Anne hadden allebei de romantiek in de verhalen gemist en hebben laten zien dat het prima kan, een romantisch Arendsoog-verhaal.

Al schrijvende schiet me nog een verhaal te binnen waarvan de liefdesgeschiedenis mij is bijgebleven, Twee vrouwen, van Harry Mulisch. Een fatale liefdesgeschiedenis. Ik vond het boek sterker dan zijn De Aanslag.

En oh ja, Biggles deelde jarenlang een appartement met zijn drie vrienden, maar had tijdens de Eerste Wereldoorlog een affaire met Marie Janis, die helaas een Duitse spionne. bleek. Jaren verliezen ze elkaar uit het oog maar niet uit het hart want nadat Von Stalhein door Biggles is gered weet hij te melden dat Marie Janis in handen dreigt te vallen van communisten. Na een spannend avontuur weet Biggles haar te redden.

Enne… Ginger laat in Biggles in de Zuidzee een oogje vallen op Volle maan, maar volgens Johns’ biografen kreeg hij daarna veel lezerspost met het verzoek om Biggles alsjeblieft niet te soft te maken…

 

#50books – vraag 47 – Geen lijstjes voor mij..

Of het moet natuurlijk mijn #50books lijstje zijn. Dat is mijn korte antwoord op Peters 47e vraag:

Welke boek(en) uit de NRC lijst heb je nog niet gelezen maar ga je zeker binnenkort alsnog lezen (oftewel: waarom maken we onszelf gek met een almaar groeiende lijst van ‘nog te lezen’ boeken)?

Uit die lijst heb er slechts een paar gelezen  en heb ik er  net iets meer nog op de stapel van te lezen liggen. Nu heb ik op zich niets tegen lijstjes en ik maak er soms ook dankbaar gebruik van. Maar ik lees voor mijn plezier en niet omdat een boek toevallig wel of niet op een lijstje staat. De boekenbijlages van kranten kunnen mij wat dat betreft maar matig meer bekoren de laatste tijd.

De laatste tijd of toch al wat langer?

Dat laatste. Hoewel ik graag lees bemerk ik dat ik al een hele tijd nauwelijks lees. Het laatste boek buiten mijn eigen vertaling en wat non fictie na was van de zomer en dat boek heb ik nog niet eens uit.  Daarnaast werd ik door Elja’s blog van gisteren ook nog eens met de neus op mijn infrequente bloggedrag van wie weet hoe lang eigenlijk al gedrukt. Ik heb het net even nageteld. Verspreid over twee blogs en een column heb ik het afgelopen jaar (vanaf begin januari ergens) 41 + 35 +1 = 77 blogposts geschreven. Best een mooi aantal. Maar er zit geen systeem in en ik wil want ik vind het zo leuk om te doen.

Dat zijn dus twee dingen die ik graag doe

Eerst was er de gedachte dat ik meer wilde bloggen, dat ik elke dag wilde bloggen. Vlak daarna realiseerde ik me dat ik ook dagelijkse een boek of e-book in de hand wil hebben zodat ik eindelijk eens van al die schitterende boeken die hier op mijn leeshonger liggen te wachten.

Zodat ze lijst ook weer wat korter wordt, zowel die van het NRC als de alternatieve lijst die op het blog van Martha verscheen.

Zo, nu het tweede deel van mijn iedere dag voornemen.

Botoxbehandeling (1)

Mijn nu volgende bekentenis zal mijn vrienden ongetwijfeld weinig verbazen: ik ben een ijdeltuit. Daarom keek ik ook al weken uit naar vandaag, 12 november stond nog niet goudomrand in mijn agenda. Vandaag vond namelijk mijn botoxbehandeling plaats. Maar… ik ging er niet voor naar de schoonheidskliniek.

Ik ging er gewoon voor naar mijn  revalidatiecentrum. De plek van behandeling was in tegenstelling tot waar botox om bekend staat niet mijn voorhoofd. Die rimpels vind ik veel te mooi/onbelangrijk om iets aan te laten doen. Mij ging het totaal niet om rimpels.

Waar ging het mij dan wel om?

Aan de foto die boven dit blog staat heb je misschien al gezien dat hoorapparaten draag. Daarnaast ben ik ook nog eens halfzijdig verlamd. Dat wil zeggen ik mijn rechter lichaamshelft niet goed kan gebruiken. Dat gaat letterlijk van top tot teen. Slikken en het bewegen van mijn mond gaat rechts moeilijker dan links. Mijn rechtervoet sleept wat achter mij aan. Extra nadeel aan dat schuin hangen van die rechtervoet is dat ik doordat nogal eens onzacht in aanraking kom met de grond. Zo heb ik gister een dikke knie en een schaafwond op mijn linkerelleboog opgelopen tijdens GLOW. Opstaan en verder lopen was gelukkig geen probleem.

Ga je die vraag nou nog beantwoorden?

Daar waar mijn handicap het meest zichtbaar is, is aan mijn rechterarm. Tot een aantal jaren terug schoot die arm bij ook maar de geringste pijlsnel om omhoog tot ongeveer schouderhoogte en stond de pols in een hoek van bijna negentig graden op mijn arm. Die arm en hand zaten dan vol spanning en het was altijd erg lastig om de ontspanning er weer terug in te krijgen. Dat ging wel door de vingers van beide handen in een bidgreep te verstrengelen en daarna langzaam de armen te strekken. Het is daarbij vooral van belang om ‘de duim eruit te halen’. Probeer maar eens je duim naar de muis van je hand te bewegen. Dan voel je de spanning in je hand. Ontspan nu weer je duim en zie dat je hele hand ontspant.

Die duim zit bij mij dus constant op slot

Net als mijn pols en de biceps waardoor ik mijn arm maar met de grootste moeite kon strekken – en dan nog alleen maar met hulp van anderen omdat voor dat strekken dwang nodig is tegen het spasme.

Mijn rechterarm was dus praktisch altijd gespannen en daardoor gebogen en bevond zich regelmatig op schouderhoogte. Plus dat door al die spanning praten lastiger werd. Het zag niet fijn uit, maar belangrijker nog: hoewel ik het ontkende had ik er eigenlijk wel last van. In de loop van de jaren was het steeds erger geworden. Nu stelde mijn revalidatiearts voor om botox te gaan gebruiken. In eerste instantie was ik verbaasd.

Botox is toch voor beroemdheden?

Om de rimpels in het voorhoofd weg te laten spuiten. Mijn arts legde uit dat dat in feite niet veel meer is dan het verlammen van bepaalde spieren waar ze ze zich ontspannen. Doe je dat op je voorhoofd,  dan verdwijnen de rimpels. Doe je dat in de spieren in je bovenarm dan ontspannen dan ontspannen die je arm en pols gebogen houden.

En het werkte. De komende week zal ik nog toelichten hoe dat gaat, zo botoxbehandeling en ik zal laten weten of ik nu – vijf maanden na de vorige benadeling – ook weer resultaat merk. Dat moet binnen drie dagen tot een week optreden. Ik hou jullie op de hoogte.

#50books – vraag 38: Kunnen we met online publiceren iets van de oude vertelkunst terugkrijgen die verloren is gegaan met de boekdrukkunst?

Wat een mooie 38e vraag in Peters #50books reeks. Zo mooi dat ik lang heb gewacht om hem te beantwoorden. Terwijl ik toch ook heel nieuwsgierig ben naar het antwoord van andere #50booksbloggers. De bijdrages van anderen lezen, het komt. Eerst zelf bloggen.

Herinneringen

Deze vraag bracht herinneringen aan mijn studie boven. Zo lang is dat overigens nog niet geleden, maar dat terzijde. De colleges ‘Digitaal communiceren’  en ‘Beeldcultuur’ van Hans van Driel gingen grotendeels over deze vraag. De oude vertelkunst van voor de boekdrukkunst ging volgens Socrates eigenlijk al verloren door het schrift. De mens vertrouwde niet meer op zijn geheugen maar besteedde het onthouden uit aan papier. Socrates vond het niets en zou zich wellicht hebben omgedraaid in zijn graf als hij wist dat wij heden ten dage zijn mening alleen maar kennen doordat zijn leerling Plato het later opschreef.

Met val van het Romeinse Rijk in 476 verdween echter ook voor een gedeelte de schriftcultuur. En was minder scholing. Alleen geestelijken hielden zich nog bezig met geschreven woord, de gewone man en vrouw kregen nauwelijks nog onderwijs, hoewel Karel de Grote pogingen deed daar verandering in aan te brengen.

Maar al met al kwam de schriftcultuur pas weer terug met de uitvinding van de boekdrukkust. Daarvoor werden verhalen en kennis vooral mondeling van vader op zoon, moeder op dochter overgebracht. En verhalen ook nog via minstrelen. Een definitieve of een oervorm van een verhaal bestond dan ook niet.

De boekdrukkust zorgde voor een ijkpunt, oerversies, definitieve versies van verhalen. Kunnen we online een einde maken aan deze versies?

Digitaliserend wereldbeeld

De boekdrukkunst is typisch een onderdeel van wat E.J. Dijksterhuis het mechanistisch wereldbeeld noemde. Dat wereldbeeld wordt volgens Hans van Driel nu vervangen door een digitaliserend wereldbeeld. Niet meer het ene grote verhaal, maar vele kleine, op zich staande verhalen. En er is niet per se meer een logisch samenhangend verhaal meer. Oorzaak en gevolg zijn minder opeenvolgend. Het internet is als metafoor voor dit wereldbeeld te beschouwen.

Vele handen maken licht werk

Oud spreekwoord, maar het vat wel treffend de manier waarop Wikipedia tot stand komt samen. Maar komen er ook fictieboeken op die manier? Waarom eigenlijk niet? Het wiki-platform leent er zich uitstekend voor. Net als blogs overigens. Online tekstverwerkers – en ook offline varianten, trouwens – voorzien in mogelijkheden om gezamenlijk (tegelijkertijd) aan documenten te werken. De mogelijkheden zijn er. Al schrijvend realiseer ik me dat ik eigenlijk op zoek moet naar voorbeelden waar dit in de praktijk gebracht wordt. Misschien wordt dit wel het nieuwe schrijven, in het digitaliserende wereldbeeld. Het zou boeiend zijn omdat het maakproces zonder einde is en zonder schrijver, maar met vele schrijvers.

Gimlet in Amersfoort

Afgelopen zaterdag was Gimlet in Amersfoort en ik was er bij. Gimlet in Amersfoort

– Wie was er in Amersfoort? Gimlet? Nooit van gehoord.

Dat kan kloppen maar daar kan vanaf nu verandering in komen. Een van de meest succesvolle jeugdboekenschrijvers van de 20e eeuw zegt namelijk dat hij “a man you should meet” is. De schrijver die deze bewering doet, is niemand minder dan Captain W.E. Johns.

– Dat zegt me wel iets. Die ken ik van Biggles.

Juist ja. En afgelopen zaterdag was er een bijeenkomst van de International Biggles Association in Amersfoort. En nu was eens niet Biggles, de bekende oorlogsvlieger die later avonturier en detective werd, de hoofdgast maar Gimlet. Beter gezegd, Gimlet van de commando’s. Dat is de titel van de vertaling van het eerste deel van de Gimlet-reeks.

Binnen de I.B.A. hebben we al jaren een project lopen om niet eerder vertaalde boeken van Captain W.E. Johns te vertalen. Het begon eigenlijk met ondergetekende die in de zomer van 1999 lid werd van de I.B.A. om zijn serie Nederlandse Biggles-pockets compleet te maken. Ik kon toen ook meteen The Boy Biggles en Biggles – Air Detective aanschaffen,  vond het goeie verhalen en besloot dat ik die boeken wel wilde vertalen. Dus nam ik contact op met de voorzitter van de vereniging, Marvel Wagenaar-Wilm, en zij was net zo enthousiast als ik. Ik was voor ik contact met haar legde al begonnen met vertalen en ging daar nog even mee door. Daarna zat mijn eindexamenjaar in de weg, haalde ik mijn diploma, en lag het project even stil.

Tot ik begin augustus 2000 een telefoontje kreeg. Marvel had een uitgeverij gevonden, Miklo, bekend van de Biggles-strips. We konden nu echt aan de slag. Ik was bij het derde hoofdstuk blijven hangen, maar vertaalde daarna stug door en begin november – de woensdag waarop bleek dat de uitslag van presidentsverkiezingen in de VS too close to call waren, rondde ik het manuscript af. Daarna hebben we nog een maand of vier moeten sleutelen aan de tekst voor het boek af was. Op de 16 juni 2001 volgde de presentatie van Biggles en zijn basis.

Het liep lekker want in 2002 volgde Biggles en de pechvogel en in 2003 Biggles – Vlieger-rechercheur. Daarna sloeg het noodlot toe omdat Marvel eind 2005 overleed. Ze was nog maar 52. Dat was een grote klap en het vertalen kwam tijdelijk stil te leggen. Echter, al snel besloten we als eerbetoon aan haar toch door te gaan. Marvel was samen met Hans Vrieler al bezig met Biggles in Frankrijk, maar helaas moest Hans ook afhaken. Gelukkig bleek Roger Schenk bereid zijn plaats in te nemen en samen met hem rondde ik Biggles in Frankrijk af. Het was in het voorjaar van 2008 af, maar toen bleek de uitgever met pensioen te zijn gegaan. Het kostte ons meer dan een jaar om  zelf toestemming te krijgen om het boek uit te geven.

Maar uiteindelijk kwam die toestemming er in juni 2009 verscheen Biggles in Frankrijk. Daarna werd het vertaalteam uitgebreid met Vincent van Gerven en verschenen in 2010 Biggles trekt ten strijde en in 2011 Wapenbroeders. En dus afgelopen zaterdag Gimlet van de commando’s. Voor het eerst een boek zonder Biggles, maar daarom niet minder de moeite waard.

Dat was in het kort het verhaal over mijn vertalingen. Mocht je ze zelf willen lezen dan zijn ze via de zijbalk te bestellen. Vanaf overmorgen staat mijn andere blog, Literaire Jeugdhelden, in het teken van Biggles en Gimlet.

#50books – vraag 37 – Boeken die wachten op de deadline

Dit blog open ik met een bekentenis: ik verlang naar de deadline. Wellicht een vreemde bekentenis, maar het is in essentie wel mijn antwoord op Peters 37e #50books vraag. Die luidt als volgt:

Leggen jullie ook wel eens boeken (en welke dan?) opzij voor het juiste moment?

Maar wat heeft een deadline nou met opzij gelegde boeken te maken? En een deadline waarvan? Die vragen beantwoord ik dadelijk. Eerst duik ik een beetje in mijn leesgeschiedenis want mijn opzijleggen van boeken in afwachting van betere tijden…. en nu wil ik proberen geen cliché te debiteren… is een verschijnsel dat ook in mijn jeugdjaren af en toe de kop opstak. Zo begon ik ooit vol goede moed aan Geef me de ruimte! van Thea Beckman. Het ging een kleine vijftig pagina’s goed, daarna bleef ik hangen. Er zat niets anders op dan het boek opzij te leggen. Gelukkig probeerde ik het een paar jaar later nogmaals en nu verslond ik het boek werkelijk en moesten ook de vervolgdelen Triomf van de verschroeide aarde en Het rad van fortuin er onmiddellijk aan geloven.

Niet ieder opzijgelegd boek kreeg een tweede kans. Zo moet ik tot mijn schande bekennen dat ik De hut van Oom Tom al snel terugzette in mijn boekenkast. Buiten een verhuizing naar een andere kast is het nooit meer van zijn plaats gekomen, hoewel ik het allesbehalve afgeschreven heb. Misschien is het juiste moment nog niet aangebroken.

Tot zover het verleden, op naar het hier en nu.

En het hier en nu vertelt me dat de tweede deadline over drie dagen in het verschiet ligt en dat we daarna nog een week hebben voor de definitieve deadline op 7 oktober. Hoewel ik mijn bezigheden tot aan die deadlines zeker niet onprettig vind, zal ik toch ergens opgelucht zijn als we ze weer gehaald hebben. Het betreft natuurlijk de deadlines voor Gimlet van de commando’s, waarvan ik medevertaler ben. Zondag moeten alle correcties op de vertaling naar de uitgever en dan hebben we nog een week om de drukproef te corrigeren. Gelukkig doen we dat met z’n drieën. Op dit moment is een van hen bezig de laatste vier hoofdstukken van zijn tekstcorrecties te voorzien en morgen ga ik wat smokkelen door de drukproef van de eerste vijftien hoofdstukken alvast door te lezen.

Zeker op het moment dat de correctierondes aanbreken – en dat is ons geval de laatste jaren in de zomervakantie – heeft mijn vertaalwerk – en hier kom ik toe aan het beantwoorden van Peters vraag – invloed op mijn leesgedrag. Het komt er bijna niet meer van nog een boek te pakken tijdens die correctierondes. Tijdens het gewone vertalen lukt het me nog prima om boeken te blijven lezen, maar daarna stokt het. Blogs, de krant, een tijdschrift, die gaan allemaal prima. Maar voor een boek heb ik simpelweg de concentratie niet meer. Deze zomer heb ik een poging gedaan The human factor van Graham Greene te lezen. Een paar hoofdstuken las ik twee maanden geleden… Vandaar dat ik naar de deadline verlang. Dat doe ik natuurlijk omdat ik het boek graag af wil hebben, maar weer gewoon kunnen lezen is ook een heerlijkheid die voor mij samenhangt met een voltooide vertaling.

Welke boeken er zoal wachten op die deadline?

De gele vogels van Kevin C. Powers, Norwegian Wood van Haruki MurakamiDit zijn de namen van Tommy Wieringa, om maar wat te noemen. En nog wat boeken waarop ik door #50books ben gewezen.

Nee, nog niet het vervolg

Daar ga ik eigenlijk al bij het begin van dit blog gruwelijk de mist in. Geef ik zomaar de clou weg. Geen idee waar dit blog dan wel over gaat. Maar het is in ieder geval geen vervolg op ‘Een doorbraak en een richtingenstrijd’. Dat vervolg heb ik wel geschreven. Staat veilig geparkeerd in een testomgeving. Vanaf vrijdag gaat die testomgeving live en dan is er dus iets te lezen.

Het vervolg is zelf ook weer een vervolg

Dat pad staat keurig aangegeven in het blog dat vrijdag online gaat. En dat blog is hopelijk een begin ergens van. Meer heb ik nu eigenlijk niet te melden, maar ik had wel zin in bloggen, maar geen zin in #50books of Literaire jeugdhelden.

Maar het blog moet toch wel een doel hebben?

Wie zegt dat nou weer? Maar vooruit, laat dit blog dan tot doel hebben mij wat gedachtes te laten ordenen. Gedachtes die door mijn hoofd spoken rond het dat vorm begint te krijgen. Hoog tijd dat ik Marcel van Driels boek erbij ga pakken. Ik wil best een poging doen van mijn idee een Waanzin Plan te maken. Voor dat idee denk ik toch al voldoende te moeten gaan bedenken en uitvoeren. Het wiel dan zelf nog een keer uitvinden lijkt me daarom onverstandig.

Vandaag doe ik het echter nog volledig op eigen kracht. Genoeg vragen, in willekeurige volgorde:

  • Ga ik het idee from scratch in de openbaarheid gooien?
  • Ga ik het helemaal zelf doen? –> Nee, ik ga hulp vragen.
  • Heb ik zelf baat bij?
  • Zijn anderen ermee geholpen?
  • Zo ja? Welke anderen zijn daarmee geholpen?
  • Hoe zijn die anderen (en ik) het beste geholpen?
  • Heb ik een platform nodig?
  • Heb ik een businessplan nodig?
  • Hoeveel tijd wil ik hierin stoppen voor het een succes is?

Eb zo kan ik nog wel even doorgaan. Niet vandaag echter. Het idee sluimert pas weer een week en mag nog minimaal een nachtje sudderen want ik moet dadelijk weg.

Een doorbraak en een richtingenstrijd

Ja, je ziet het goed. Een post op dit blog die niet in het kader van #50books valt. Ja, dat noem ik een doorbraak. En nee, ik kondig niet aan dat ik met mijn deelname aan 50books ga stoppen, sterker nog, ik ga de de vragen die ik nog niet heb beantwoord allemaal inhalen.

Maar toch even deze post. Het zit nog niet in mijn systeem, dat bloggen. Een tijdje terug meende ik de oplossing te hebben: simpelweg WordPress openen en typen. Dat bleek makkelijker gezegd dan gedaan. Zelfs aan het openen kwam ik niet toe. Daar kan ik makkelijk Gimlet van de commando’s de schuld van geven – de presentatie is zaterdagmiddag 2 november in De Bron, Vogelplein 1 Amersfoort, dus binnenkort breid ik mijn zijbalk uit – maar ondanks dat zo’n vertaling veel werk is, zou het unfair zijn om daar mijn weinige bloggen aan toe te schrijven.

Er was iets anders aan de hand

Nu we bezig zijn met de laatste loodjes van de vertaling ben ik na aan het denken over wat ik nog meer wil. Dit blog ooit met hele andere doelstellingen doen bloggen over boeken. Nou ben ik een groot boekenliefhebber dus je hoort mij niet klagen over bloggen over boeken. Maar daar heb ik al een ander blog voor en daarvoor bloggen kostte me nog meer moeite. Ik stelde eisen waardoor niet bloggen heel makkelijk werd. Gewoon iets niet doen waardoor ik die dag niet mocht bloggen. Flauw, maar zo ging het weken aan één stuk. Ook vandaag heb ik iets gedaan, maar ik blog toch.

Maar dat was niet alles

Dit blog ben ik ooit met heel andere doelstellingen, maar die raakten al snel uit beeld. Door de prachtige blogs van Jacob Jan over zijn theater – ik ben in Nijmegen van de partij – en door hoe hij daar naartoe leeft en velen inspireert, kwamen mijn begindoelstellingen weer bovendrijven. Dat werd alleen maar sterker door de uitnodiging die van @tinekeveenstra kreeg om volgende week vrijdag bij de lancering van het vernieuwde Onzichtbaar ziek te zijn. Eergisteren kreeg ik daarbovenop nog wat mailtjes die mij aan het denken zetten.

En dan gisteren ook nog eens de geboorte van een nieuw blog over een onderwerp dat me na  aan het hart ligt mee mogen maken… daardoor weet ik nu zeker: ik ga weer Met zonder beperking bloggen. En wat dat gaat betekenen daar komen jullie net als ik wel achter.

#50books – vraag 24 – Zomerleestip

Het is op het moment van schrijven 26 augustus, dus de meteorologische zomer loopt al weer bijna op zijn eind. Toch wil ik nog in de zomer Peters 24e vraag van #50books beantwoorden:

Welk boek mag volgens jou niet ontbreken op de #50books zomerleeslijst 2013?

Het lijstje dat er al staat, is al mooi en ik ga proberen er toch een aantal van te lezen, voor zover ik dat nog niet heb gedaan. Maar zo’n mooie lijst schept natuurlijk verplichtingen. Wat zet ik er zelf op? Natuurlijk, boeken genoeg die ik aan kan raden, maar er staat in de vraag duidelijk ‘welk boek’ dus daar wil ik mee aan houden.

Leesplezier of toch wat extra’s?

Dat was een vraag die bij me opkwam terwijl ik grasduinde langs de planken die mijn boeken huisvesten – ik lees nog maar betrekkelijk kort via een e-reader dus dat kanaal hoefde ik niet aan te boren. Maar genoeg te vinden tussen mijn boeken van papier.  Maar ja, die vraag hierboven, hè. Helemaal niks mis met escapistische boeken en ik lees ze met genoegen. Maar vandaag mag het toch een beetje meer zijn. Ik heb niet voor niets cultuurwetenschappen gestudeerd. Ik ben overigens benieuwd wat dat met mij doet op de schaal van de boekensnob, van vraag 32. Maar dat terzijde.

Langs de planken dus

Veel boeken kwamen langs, en veel boeken ook die ik in de zomer heb gelezen. Zo las ik in de zomer van 2006 Ik ben Charlotte Simmons van Tom Wolfe en Het complot tegen Amerika van Philip Roth. Vooral dat laatste boek kan ik aanraden. Maar niet nu, want ik kwam al een plank lager al een boek tegen dat ik vandaag aan wil bevelen.

Een boek met een link naar de actualiteit

En dat is – naast het feit dat ik het gewoon een goed boek vind – ook meteen de reden dat ik dit boek uitkoos. Ik las het voor mijn studie en dus niet in de zomer.  Maar het boek is actueel en toch fictief. Nu ik dit aan het schrijven ben krijg ik spontaan zin om het boek weer te herlezen. Hoewel het dus fictie is geeft het wel een beeld van een land dat de afgelopen jaren zo in het nieuws is. Dat was overigens nog niet het geval toen ik het boek las. Het boek waar ik het over heb is Het Yacoubian van Alaa Al Aswani.

Opgewaaid stof

De roman vertelt het fictieve levensverhaal van de inwoners van het Yacoubian-gebouw in Cairo. Het boek maakte heel wat los in de Arabische wereld. De tekst op de achterkant van het boek stelt:

Deze charmante en soms wrange roman deed in de Arabische wereld veel stof opwaaien. Niet eerder werden religieuze hypocrisie, homoseksualiteit, corruptie en de aantrekkingskracht van van het islamitisch fundamentalisme zo openlijk beschreven.

Een roman die op mij indertijd veel indruk maakte, juist omdat ik zo de Arabische wereld niet van binnenuit kende. Nu nog niet, maar het boek geeft een beeld en is nog actueel ook.