#wot overprikkeld – 2 boeken

Laatst zat ik wat te mopperen dat het soms handig was geweest als mensen aan wie ik mij met zo veel ellendige gevolgen heb geërgerd, zich gewoon hadden gerealiseerd hoe funest hun gedrag kon zijn. Voor hen was hun gedrag volstrekt normaal, voor mij niet. Toen niet, en nu nog steeds niet. Al begrijp ik dat gedrag wel, en ik neem ook niemand iets kwalijk. Soms lopen dingen gewoon anders dan je zou willen.

En gelukkig was ik met mijn tweet ook mijn klaagstemming kwijt, maar ik ben toch blij dat ik die geplaatst heb. Het luchtte namelijk op én ik kreeg twee schitterende leestips (Dank, Samira, dank, Emma.)

De eerste was How to handle neurotypicals van Abel Abelson en het tweede was Autisme en het voorspellende brein door Peter Vermeulen.

Het boek van Abelson was vooral humoristisch, maar ik geloof dat er toch een kern van waarheid in zit. Althans, hij komt net als ik min meer tot de conclusie dat je ergeren weinig zin heeft, sterker nog, dat het vooral kwalijke gevolgen heeft. Er zat dus toch wel wat herkenning in het boek, hoewel ik af en toe het gevoel had dat een korreltje zout niet genoeg was. Maar al met al was het toch humoristisch leerzaam genieten.

Autisme en het voorspellende brein is een heel ander boek. De toon van Peter Vermeulen is een stuk serieuzer, maar toch houdt ook hij het luchtig door de voorbeelden die hij geeft. Eerlijk gezegd wist ik niet zo veel van autisme af. Ja, ik dacht een bepaalde basiskennis te hebben, maar het is juist die basiskennis die Peter Vermeulen op basis van recent onderzoek in twijfel trekt.

Dat is namelijk een van de mooie punten van het boek van Vermeulen: het verhaal wordt verteld op basis van het onderzoek. En niet andersom. Ten minste, voor zover ik het kan beoordelen volgt wat Vermeulen schrijft uit de onderzoeken die hij citeert. Hij zoekt geen onderzoek bij zijn verhaal. En dat vind ik wel zo prettig omdat het het verhaal betrouwbaarder en echter maakt.

Terug naar die basiskennis. Ook ik zag de manier waarop het menselijk brein prikkels verwerkt als invoer (via zintuigen) -> verwerking (via ons brein) en uitvoer (onze reactie). In werkelijkheid blijkt echter dat het brein een voorspelling doet (gebaseerd op kennis en ervaring), op basis waarvan de reactie wordt bepaald. De invoer blijkt daarbij niet of nauwelijks belangrijk te zijn.

Bij mensen met autisme gaat het iets anders. Ook zij kunnen de wereld voorspellen, stelt Vermeulen, maar bij ben speelt invoer vanuit de zintuigen nog wel een belangrijke rol. En die invoer wordt ook nog eens absoluut gezien, wat weer tot voorspellingsfouten leidt als iets afwijkt van wat op basis van eerdere waarneming(en) wordt verwacht.

Daaruit volgt – en dat was voor mij een eyeopener – dat mensen met autisme niet per definitie moeite hebben met prikkels. Het blijkt te gaan om de (on)voorspelbaarheid van prikkels. Dat is het probleem. Als een prikkel verwacht wordt, zijn er veel minder problemen. Dat maakt ook dat we volgens Vermeulen ook moeten nadenken over het nut van een prikkelarme omgeving. Een prikkelarme omgeving is namelijk lastig omdat er juist wel prikkels zijn buiten de prikkelarme omgeving. Het verschil leidt tot voorspellingsfouten. Het is immers een illusie dat de hele wereld prikkelarm kan zijn.

Die voorspellingsfouten zijn het echte probleem, beargumenteert Vermeulen helder in zijn boek, dat ik ieder kan aanraden.

#wot word on thursday

~~~

Afbeeldingen: Goodreads

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.