#WOT plot – plotwending

In september 1999 begon ik The boy Biggles te vertalen. Het kwam voort uit het einde van een donkere periode uit mijn leven. Een depressie die me mijn eindexamen kostte. Toen ik weer beter was, wilde ik leuke dingen gaan doen. Iets met Biggles leek me aan de kwalificatie te voldoen. En in meer dan twintig jaar is me wel gebleken dat dat een juiste inschatting was. Het vertalen was en is heel leuk maar veel belangrijker vind ik de vriendschappen het me heeft opgeleverd. Dat had ik van tevoren echt niet kunnen bedenken.

In mei 2012 kreeg ik het idee om een groepsblog te starten. Iets met handicaps en ziektes. Niet iedereen begreep het en dat leverde een hoop ellende op die me uiteindelijk anderhalf jaar min of meer van de kaart veegde. Het waren onder andere een zekere Gimlet en mijn vrienden van de I.B.A. die mij er toen weer bovenop hielpen door de vertaling Gimlet van de Commando’s mogelijk te maken. Het lukte mij op dat moment niet alleen. Ik had steun nodig en die kreeg ik, ook van anderen en het ging over meer dan boeken.

Het was dus kommer en kwel in 2012/2013. Toch had ik het niet willen missen want het groepsblog werd dit persoonlijke blog en ik had al veel nieuwe vrienden gemaakt rond dat groepsblog. En die vriendschappen die duren wat mij betreft nog lang. Vorig jaar citeerde ik Queen:

Friends will be friends
Right till the end
And even beyond

Die onderste regel had ik zelf bedacht. Het citaat kwam in een reeks op Facebook. Ik kreeg bezorgde reacties: was ik niet manisch aan het woorden? Gelukkig niet, maar dank voor het bezorgde meedenken.

En toen was het 2020 en besloot ik een boek te schrijven. De eerste versie werd terecht afgekeurd door vrienden. Dus begon ik eind 2021 aan een tweede versie. Die lijkt nu beter en komt hopelijk in het najaar uit. Over wat ik geleerd heb van mijn bipolaire stoornis. Ik merk nu alweer dezelfde positieve effecten als in 1999 en 2012. Maar ik doe het rustig aan want ik wil wel graag de negatieve effecten van 2012 vermijden. Ik heb er gelukkig alle vertrouwen in dat dat gaat lukken. Daar gaat het boek ook over. Maar te hard van stapel lopen is niet verstandig, dat heb ik wel geleerd.

De moraal van dit verhaal: geef de plot van je leven af en toe een twist. Kan je zomaar veel moois opleveren. En een plot twist van het leven zelf, kan ook positiever uitpakken dan je soms denkt, hoe vervelend zo’n twist ook kan zijn.

~~~

Afbeelding van 0fjd125gk87 via Pixabay

Zonnestralen #WOT

De zonnestralen waar ik het over wil gaan hebben, zijn geen letterlijke zonnestralen, maar figuurlijke. Zonnestralen die in april 2020 doorbraken en die letterlijk – en dat mag je letterlijk nemen – mijn leven compleet veranderden. Dat voelde en wist ik al op het moment dat die zonnestralen doorbraken, maar in de ruim twee jaar die sindsdien voorbij zijn gegaan, is volgens mij gebleken dat ik gelijk had.

En dat maakt mij gelukkig. Het geeft mij soms het idee dat zonnestralen mij de hele dag verwarmen, ook op bewolkte dagen. En dat is zo geníéten, dat kan ik wel van de daken schreeuwen. Als je dit blog volgt, weet je dat ik het heb over de rol van ergernissen bij mijn bipolaire stoornis. Eindelijk heb ik het idee dat ik die onder controle heb, na jaren letterlijk in het duister te hebben getast.

Natuurlijk: ik weet dat ik alert moet blijven, dat ik medicijnen moet blijven slikken en dat toch nog mis kan gaan. Daar ben ik me maar al te zeer van bewust, maar ik weet nu tenminste waar ik op moet letten. Dat geeft zo veel rust. En het het geeft ook vertrouwen. Want ik ben er dagelijks kort mee bezig. En het gekke is dat ik nu als het ware een radar heb voor ergernissen. Ik signaleer ze zó snel, bekijk ze op het moment dat ze nog heel klein zijn, en kan ze daardoor of laten waaien of aanpakken. Op die manier krijgt een ergernis geen kans meer om uit te groeien tot een manie.

En om het nog mooier te maken: doordat ik af kan rekenen met ergernissen, ben ik veel minder chagrijnig of humeurig. Ik ben nog niet het zonnestraaltje in huis, maar het voelt wel enorm goed. En dan op een gezonde manier.

Ik gun het iedereen, die zonnestralen in je leven. En ik denk graag na over hoe ik anderen daarmee kan helpen. Want ik heb de betekenis van ergernissen niet ontdekt dankzij de ggz. Een helpende hand kan dus nuttig zijn. Alleen al omdat ik merk hoeveel zonniger mijn eigen leven is geworden, steek ik die helpende hand graag uit.

#WOT: Write On Thursday

~~~

Afbeelding van jplenio via Pixabay

#WOT stekken, ideeënstekken

De #WOT van vandaag is stekken. Nou heb ik geen groene vingers dus zijn jullie snel me af. Maar niet heus want ik doe wel degelijk aan stekken, aan ideeënstekken. En daar wil ik graag over vertellen.

Het heeft namelijk te maken met mijn boek. Het is zo goed als af en verschijnt in het najaar. Eindcontroles nemen altijd meer tijd in beslag dan je denkt, er moet nog een uitgever bij gevonden worden en ik wil ook nog wat zomervakantie kunnen houden.

Mocht er nog iemand zijn die gemist heeft waar mijn boek over gaat: ik heb een bipolaire stoornis en die stak regelmatig de kop op in de vorm van manieën zonder dat mij duidelijk was waarom. Twee jaar geleden viel me ineens op dat ze allemaal begonnen waren met een ergernis. Nu hoef ik er ‘alleen’ nog maar voor te zorgen dat een ergernis overgaat zonder dat ik ervan van slag raak. Hoe ik dat doe, staat in mijn boek.

Er is nog een onderdeel dat hierbij belangrijk is en dat is het onderdeel gewoontes. Juist doordat ik dagelijks bezig was met mijn stoornis, erover nagedacht en er met anderen over sprak, kon ik deze ontdekking doen en kan ik nu ook signaleren en corrigeren op ergernissen. En dat begon allemaal zeven jaar geleden dankzij de post Love moved me to write this for you van Peter Pellenaars.

Wat heeft dat met stekken of ideeënstekken te maken?

Veel. Want ik heb mijn boek nu wel geschreven maar je ziet al: ik heb lang gedaan over het leren werken met gewoontes en het duurde ook jaren voor ik inzag hoe ik ze kon gebruiken. Voor anderen is het boek dan wel leuk, maar is misschien ook training nuttig. En die zou ik kunnen geven: zie daar een ideeënstek.

En nog een ideeënstek: in mijn boek staat dat een rapportage van het UWV bij mij nogal verkeerd viel en dat dat gevolgen had voor mij. Ik zou best een lezing willen geven aan mensen van het UWV om ze op de mogelijke gevolgen van hun rapportages te wijzen.

En nog eentje dan: ik kan pochen dat ik sinds twee jaar geleden een ware transformatie heb ondergaan, dat ik mij onherkenbaar beter voel dan voor april 2020. Maar het is geen pochen, het is echt zo en mensen die me kennen bevestigen het. Het geloof/de hoop dat ik mijn stoornis onder de duim heb, doet mij zó goed, dat is haast onbeschrijfelijk. En ja, natuurlijk, ik weet dat ik alert moet blijven en medicijnen zal moeten blijven gebruiken. Waar het om gaat is dat ik me zo veel beter voel. En stel dat er naast het boek ook een training komt. Zou het dan niet prachtig zijn als de deelnemers dezelfde resultaten hebben als ik? En dat er voor, tijdens en na portretten zijn om dat proces vast te leggen?

~~~

Afbeelding van 1195798 via Pixabay

Kaizen, gewoontes en mijn boek

Deze blogpost is deel 26 van 26 in de reeks Gewoontes

Toen ik in april de eer had om een week te twitteren via het account van NL_Buitenbeentjes, vertelde ik uiteraard over mijn dagelijkse gewoontes. Van Fenna kreeg ik toen meteen de tip om eens naar Kaizen te kijken want zij herkende daarin veel van mijn verhaal. Het duurde uiteindelijk nog een hele tijd maar vorige week las ik eindelijk De kunst van Kaizen van Robert Maurer.

En het was inderdaad een feest van herkenning. Veel van wat erin te lazen valt, staat ook in de andere boeken (zie achtergrond) en sommige dingen die niet in die andere boeken stonden heb ik misschien intuïtief aangevoeld door al dat lezen. Daar kom ik nog op. Eerst maar eens kijken wat Kaizen is en waar het vandaan komt, want ik had er eerlijk gezegd nog nooit van gehoord.

Het bleek te gaan om een techniek waarmee je met zo klein mogelijke stapjes grote veranderingen kon bereiken. De eerste toepassing was de Amerikaanse wapenindustrie tijdens de Tweede Wereldoorlog. Er was geen tijd om revolutionaire nieuwe wapensystemen te ontwikkelen. In plaats daarvan moest het maakproces van de bestaande wapens worden geoptimaliseerd. Daartoe werden alle werknemers uitgedaagd om mogelijke verbeteringen in het proces door te geven, hoe klein die verbeteringen ook waren. Uiteindelijk leiden al die kleine verbeteringen tot betere wapens en een snellere productie.

Na de Tweede Wereldoorlog raakte volgens Maurer de techniek in de VS in onbruik. Maar toen Japan onder leiding van de VS weer werd opgebouwd, herleefde de techniek daar. En daar kreeg het ook de naam Kaizen.

Kaizen gaat uit van kleine stappen, kleine beloningen, simpele acties, eenvoudige vragen en gedachten en het oplossen van kleine problemen. Juist in dat kleine en eenvoudige zit de kracht omdat volgens Maurer onze hersenen van oudsher protesteren tegen groot en moeilijk. Dingen die groot en moeilijk zijn, zijn namelijk bedreigend. Houd je het klein en eenvoudig, dan wordt je angstcentrum niet gewekt en kun je de verandering wel doorvoeren. En de dag erop weer een klein beetje meer. Tot je al snel een grote verandering hebt bereikt, omdat de kleine stapjes nergens bedreigend waren.

Dit komt terug in mijn boek

Al lezende herkende ik dus heel veel van wat ook in mijn boek staat. De kern draait om het herkennen van ergernissen, weten wat je dan moet doen (kort gezegd: goed naar de ergernis kijken – en daarmee de automatische vechtreactie eruit halen – en je realiseren dat die ergernis geen grote psychische ellende waard is) én daar een gewoonte van maken; van dat herkennen en bekijken. Dat doe ik door elke dag af te sluiten met de vraag of ik mij heb geërgerd die dag. Volgens Robert Maurer zorgt het elke dag stellen van dezelfde eenvoudige vraag ervoor dat deze zo in je systeem zit dat je er als vanzelf naar handelt. Ik kan dat uit de praktijk alleen maar bevestigen en noem daarom in mijn boek nog een paar eenvoudige vragen.

Achtergrond

In 2015 deed ik mee met een blogreeks van Peter Pellenaars over Zen Habits – Mastering the art of change. En ik schreef eind dat jaar een vervolgreeks over hetzelfde boek. Gewoontes bleken de afgelopen jaren nogal een invloed op mij te hebben gehad. Daarom nu een hernieuwd onderzoek met daarbij ook de boeken The power of habit van Charles Duhigg, Good habits, bad habits van Wendy Wood en Atomic habits van James Clear.

Ik voel weer dezelfde gedrevenheid als tien jaar geleden

Ik voel weer de gedrevenheid van tien jaar geleden. En die gedrevenheid voel ik eigenlijk al zo’n twee jaar. Sinds de grote ontdekking van de ergernissen. En het wordt me steeds duidelijker dat die ontdekking echt helpt. Natuurlijk, ik zeg niet dat ik nooit meer een manie ga krijgen, ik zou niet durven. Maar ik durf wel te zeggen dat de kans daarop nu een stuk kleiner is. Nu ik echt weet waar ik op moet letten. Voeg daarbij mijn grote geluk dat ik snel en goed op een extra dosis medicijnen reageer, mocht dat nodig zijn. En het misschien nog wel grotere geluk dat ik nooit zo ver in de greep ben gekomen van een manie dat ik dacht dat ik de medicijnen überhaupt niet meer nodig had. Ik lees en hoor dat dat wel een probleem is. Ik ben blij dat dat voor mij niet geldt.

Nu de eerste reacties op de tweede versie van mijn boek positief zijn, begin ik toch langzaam verder te denken. Nog niet zo lang geleden begon het me te dagen dat ergernissen misschien niet alleen voor manieën een katalysator kunnen zijn. Hoe vaak doe je niet iets omdat je aan iets of iemand ergert? En dan bestaat de kans dat je iets in gang zet dat escaleert, waar je misschien spijt van krijgt. Terwijl de reactie waarmee het begon, totaal achterwege had kunnen blijven, als je je had gerealiseerd dat je uit ergernis reageerde. En dat er andere, betere manieren zijn om met een ergernis om te gaan.

Die conclusie trok ik dus. Dat er in z’n algemeenheid een hoop ellende voortkomt uit ergernissen. En dat was min of meer ook de conclusie van mijn webhost toen hij me een factuur stuurde en we aan de praat raakten over hoe het met ons ging.

Op dat punt van ergernissen hoop ik dat mijn boek kan helpen. In eerste instantie misschien vooral mensen met een bipolaire stoornis en hun omgeving, maar ik denk dus dat ik het breder kan en wil trekken. Waar ik op dit moment echter vooral dankbaar voor ben, is voor het gevoel dat ik met mijn ervaringen weer mensen kan helpen, noem ze lotgenoten, als je wilt. Precies het gevoel dat ik tien jaar geleden ook had bij Reëlle. Alleen moet ik er nu wat meer zelf aan trekken en heb ik er nog een baan langs. Gelukkig heb ik wel vrienden die me steunen, dus al gaat het even duren, het gaat lukken.

~~~

Afbeelding van Gerd Altmann via Pixabay

De eerste reacties zijn positief

Vorige week had ik van een proeflezer al een aantal positieve eerste indrukken te horen gekregen over mijn boek en vandaag had iemand het al helemaal gelezen. En hij was erg positief. Daar ben ik heel blij mee want hoewel ik zelf een veel beter gevoel had bij versie 2.0 van het boek dan van de eerste en ik het dit keer zonder bedenkingen uit handen durfde te geven, is het toch wel prettig om dat goede gevoel ook extern bevestigd te krijgen.

En hij gaf me ook nog een tip voor een potentiële doelgroep van het boek. Ik begin zo langzamerhand echt te geloven dat dit boek meer kan zijn dan mijn memoires over een belangrijk deel van mijn leven dat niet helemaal zo gelopen is als ik wilde, maar waarvan ik wel leerde. Die lessen heb ik verwerkt in het boek. Omdat ik graag schrijf en leer en schrijven voor mij een vorm van leren is. Dat telt dus dubbel.

Van mijn weekje @NBuitenbeentjes leerde ik dat ik het verhaal ook op een andere manier kan vertellen. Dat ik dat ook prettig vond. Dat ik het verhaal belangrijker vind dan de vorm waarin ik het vertel. Ik heb rond mijn bipolaire stoornis ook voldoende mee gemaakt om me te realiseren dat er nog heel wat onbegrip is. En daar wil ik graag wat tegen doen. Door mijn verhaal te vertellen. Door duidelijk te maken dat ogenschijnlijk onschuldige dingen onder invloed van een manie helemaal niet zo onschuldig meer zijn. Natuurlijk bedoel ik dat niet beschuldigend. Maar als je beseft dat iets veel zwaarder opgevat kan worden dan je het bedoelt, heb je in ieder geval de mogelijkheid nog eens te denken of je boodschap wel zo handig is en of deze bij de ander landt zoals je het bedoeld hebt.

Als er meer begrip zou zijn, zou dat helpen. Misschien kan mijn boek daar een steentje aan bijdragen. En wat voor steentjes dat dan gaan worden, vertel ik ongetwijfeld hier op dit blog.

Voorlopig geniet ik echter nog een beetje na en wacht ik met een gerust hart meer reacties af. En ik verwerk langzaam de ‘wat als ik dit eerder had geweten?’ vraag die mijn boek oproept. Dat ik misschien wel minder vaak manisch had hoeven worden als … enz. Die vraag kan ik niet beantwoorden maar ik gun niemand (de gevolgen van) een bipolaire stoornis. Dat dat een drijfveer was voor het boek moge duidelijk zijn, maar dat heb ik vast al eens een keer geschreven.

~~~

Afbeelding van Jill Wellington via Pixabay

Lezen en schrijven

Of je met mij kunt lezen en schrijven kan ik natuurlijk zelf moeilijk beoordelen. Je kunt in ieder geval lezen wat ik schrijf en je kunt ook nog eens wat terugschrijven. Maar dat laat ik natuurlijk helemaal aan jou over 😉 Wat ik bedoel met de kop van deze post is dat lezen en schrijven de twee hobby’s zijn waarvan ik het meeste geniet. En wandelen telt natuurlijk ook mee, maar dat staat qua plezier dat ik eraan beleef toch net iets onder lezen en schrijven.

Het wandelen wil ik er wel gewoon in houden, daar vind ik het te leuk voor en het is bovendien nog goed voor mijn gezondheid ook. Terug naar lezen en schrijven. Met het lezen gaat het sinds begin dit jaar eindelijk zo goed als ik me haast ieder jaar voorneem. Ik wil eigenlijk elke dag lezen, dat wil zeggen: een boek op papier of als e-book. En dat lukt nu eindelijk.

Maar misschien vind ik schrijven nog wel leuker dan lezen. Fictie vind ik prachtig om te lezen, als schrijver heb ik het idee dat ik er niet goed in ben. Ik ben liever bezig met non-fictie en dan het liefste non-fictie waarmee ik het idee heb dat ik anderen kan helpen. Het boek over mijn bipolaire stoornis scoort voor mijn gevoel hoog op dat vlak.

Het is ook niet alleen het schrijven dat ik leuk vind. Het is het hele proces eromheen. Het bedenken wat ik wil schrijven, het schrijven zelf en het herschrijven van wat ik geschreven heb. En de discussies die dat oplevert met proeflezers, voor mijn boek maar zeker ook voor mijn vertalingen. Ik kan er echt van genieten omdat het einddoel steeds helder is: een zo goed mogelijk boek voor uiteindelijke lezers.

Mijn vertaalhobby valt dus ook onder lezen en schrijven. Vanmiddag ben ik dan eindelijk serieus begonnen met het lezen van de vertaling van de volgende Gimlet. Mijn collega Roger heeft het dit keer helemaal vertaald omdat hij dit jaar minder lesgaf en omdat hij enthousiast werd toen ik hem over mijn boek vertelde en me daarvoor de ruimte wilde geven.

Het leest heerlijk weg, die nieuwe Gimlet. Hier en daar heb ik nog wel wat opmerkingen die het hopelijk nog beter maken. Ik probeer het rond Hemelvaart af te ronden.

Nu kan ik nog een heel verhaal gaan vertellen maar het komt erop neer dat ik vaker wil schrijven. Misschien wel hier. Iedere dag. Ik ga het gewoon proberen en dan zie ik wel waar het schip niet strandt.

En vanavond herlees ik nog een keer een artikel dat ik voor Biggles News Magzine schreef en dat het begin van een serie moet worden.

~~~

Afbeelding van congerdesign via Pixabay

Mijn boek versie 2 is naar de proeflezers

Afgelopen donderdag is mijn boek dan eindelijk naar de proeflezers gegaan. Ik ben benieuwd wat ze er van vinden. Maar ik hoop niet dat deze versie door de proeflezers weer zo op de schop moet als versie 1. Van die van versie is alleen 1 korter hoofdstuk blijven staan, nog wel ingekort en deels herschreven ook. De rest van het boek is compleet nieuw.

Bij die eerste versie had ik zelf al de nodige twijfels, maar ja: ik had er al zo veel werk aan gehad en tijd ingestopt. Dus ik hoopte dat het meeviel en stuurde het naar mijn proeflezers. Nou, al na twee reacties bleek dat ik gelijk had gehad met mijn voorgevoelens. Er zaten toch wel ernstige gebreken aan de tekst. De rest van de proeflezers maar afbesteld en vervolgens heb ik een tijd na moeten denken, hoewel ik al van meet af aan wist dat ik het opnieuw zou doen. Maar hoe? Dat was even de grote vraag waar ik een aantal maanden over heb nagedacht.

Uiteindelijk besloot ik maar van voren af aan opnieuw te beginnen. Ik heb nogmaals gekeken wat ik echt wilde zeggen en ben vervolgens in een leeg document opnieuw begonnen. Dat was de beste optie, leek mij. Een van de problemen die de snelle proeflezers hadden aangekaart, was dat de stijl niet lekker liep. Ik sprak de lezer veel te vaak aan. Dat was me in de laatste correctieronde zelf ook opgevallen en past helemaal niet bij mij. Maar het zat door de hele tekst heen, zodanig dat opnieuw schrijven mij uiteindelijk beter leek te werken dan herschrijven.

En ik heb het dus opnieuw geschreven. De stijl lijkt nu meer op die van dit blog en voelt voor mij veel prettiger aan. Het is van mij en wie ik ben is duidelijk, want dat was de vorige ronde ronde door al die aansprekingen ook al niet zo duidelijk. Terwijl dat voor het boek dat ik geschreven heb, juist wel duidelijk moet zijn. Verder zat er van iets te weinig in. Dat hoop ik nu rechtgezet te hebben en ik denk dat het boek daar sterker van is geworden.

Over deze tweede versie ben ik wel tevreden. Natuurlijk: er blijven details over. Zo schoot me gisteren tijdens het wandelen te binnen dat ik vergeten was te controleren of iets nou in april of mei gebeurde. Dat ga ik nog opzoeken maar heeft voor de grote lijn van het verhaal geen consequenties.

Er zijn ook wat grotere vragen, maar die parkeer ik voor in de spreekkamer bij mijn behandelaar. Dat duurt nog een maand, maar ondertussen kan ik genieten van de mijlpaal dat ik mijn boek versie 2.0 toch maar mooi naar proeflezers heb gestuurd. En natuurlijk kijk ik uit naar hun commentaar op het boek. Het eerste deelcommentaar is al binnengekomen tussen het typen en nalezen van deze post 😉

~~~

Afbeelding van Gerd Altmann via Pixabay

Een week @NBuitenbeentjes

Vanaf maandag 18 april (Tweede Paasdag) tot en met zondag 24 april mocht ik een week twitteren op het wissel account NL_Buitenbeentjes. Dat is natuurlijk een hele eer maar ik vond het als niet frequent Twitteraar ook spannend omdat mijn voorgangers op het account veel vaker iets postten dan ik op mijn persoonlijke account gewend ben. Maar gelukkig mocht ik het van het van Emma, die het account bedacht als tegenhanger van bijvoorbeeld NL_Leraar, NL_Zorg, of NL_Wetenschap, helemaal zelf inrichten. Weinig twitteren mocht ook, net als tussentijds afhaken.

Eigenlijk had ik in mijn systeem dat ik deze week pas aan de beurt was maar toen vroeg Emma zaterdag de 16e al of ik er klaar voor was. Ja, dus. Ik had een verhaal bedacht dat ik wilde vertellen want ik had het idee dat ik Twitter ook als een soort blog in kon zetten. 280 tekens plus 280 tekens enz is een draadje en het lijkt wel een beetje op bloggen als ik het zo doe, had ik bedacht. Over bloggen gesproken, ik kon natuurlijk een heel aantal blogposts delen die mijn verhaal ondersteunden. Dus dat leek me ook wel wat. Over mijn handschrift bijvoorbeeld. Ik had bierviltjes in de aanbieding en ik had sowieso een heel verhaal in de vorm van het boek waaraan ik de laatste hand leg. Daar kon ik natuurlijk ook uit putten, hoewel nergens letterlijk want de tweets waren allemaal vers. Verder vond ik het belangrijk dat ik snel kon reageren op reacties, als dat nodig was. Vandaar dat ik na werktijd live twitterde. Gelukkig heb ik nergens snel op hoeven te reageren.

De reacties waren namelijk unaniem positief. En ik heb het verhaal kunnen vertellen dat ik wilde vertellen. Over mijn lichamelijke handicap, mijn slechtere gehoor, mijn bipolaire stoornis en hoe die dingen (samen) mij af en toe tot een buitenbeentje maakten. Gelukkig heb ik er niet al te veel last van gehad en besef ik door deze week dat Twitter kan helpen bij het leggen van contacten waar dat bijvoorbeeld op verjaardagen of bijeenkomsten vanwege mijn slechthorendheid lastig kan zijn. Dat wist ik natuurlijk al, maar Twitter was ooit op “don’t'” lijst terechtgekomen in verband met mijn bipolaire stoornis. Ik ben er daardoor altijd voorzichtig mee geweest maar de laatste tijd krijg ik steeds meer het gevoel dat ik Twitter en andere sociale media onterecht in het verdomhoekje heb geplaatst. Ook dat is winst van deze mooie week.

Het was een prachtige week, ook door jullie vele soms hartverwarmende reacties.

Tien jaar bloggen: een terugblik

Vandaag is het precies tien jaar geleden dat ik mijn eerste blogpost publiceerde: op 6 april 2012 verscheen op het bedrijfsblog van mijn toenmalige werkgever Reëlle Meer dan een handicap. Omdat de post daar inmiddels niet meer te vinden is, heb ik hem hier op mijn eigen blog gezet.

Tien jaar geleden had ik totaal geen vermoeden hoeveel invloed bloggen op mijn leven zou krijgen, hoeveel vrienden ik erdoor zou krijgen, hoe vaak bloggen en (reacties van) medebloggers en andere lezers mij weer deden opkrabbelen als ik het even moeilijk had. En dat was nogal eens want het zijn tien veelbewogen jaren geweest. Vandaar ter gelegenheid van dit jubileum een korte terugblik.

Een te optimistische start

In mijn zojuist aangehaalde eerste post was ik nog erg optimistisch. Helaas zou nog geen drie maanden na publicatie blijken dat ik me vergist had in dat verhaal. Ondanks dat ik dacht dat ik alles onder controle had, kreeg ik toch weer een manie. En een heftige, die alles waarin ik toen geloofde op z’n kop zette. Zelfs bloggen werd me door mijn behandelaar tijdelijk ontraden en daar luisterde ik naar.

Ik kreeg mooie reacties op dat eerste blog en een maand later ontmoette op een bijeenkomst van de NVVS (inmiddels Stichting Hoormij) een enthousiaste blogger. Ik bekeek na afloop zijn blog, vond het meer dan mooi en was ook geraakt door de reacties. Dit was een community. En laat ik daar nou gek op gek op zijn. Toch stelde ik het onvermijdelijke nog uit tot 2 juni 2012. Toen publiceerde ik mijn eerste blog op dit domein.

Ik had amper een paar keer geblogd of ik werd ziek: een manie dus, de zoveelste. Maar ik had inmiddels #blogpraat ontdekt en dat er op 3 augustus 2012 een meetup zou zijn. Ik gaf bij mijn behandelaar aan dat ik daar hoe dan ook naartoe wilde. Het mocht van hem, want ik was goed opgeknapt, en ik ging. Heerlijke avond was dat. Veel bloggers en hun blogs leren kennen.

Ik dacht dat ik er weer bovenop was maar dat duurde nog even

Ik had toen alleen nog geen idee dat de echte klap nog moest komen en dat het tot ongeveer eind 2013 zou duren voor ik me weer een beetje mens voelde. Toevallig was dat ongeveer de tijd dat er met veel hulp en moeite een nieuwe vertaling verscheen en dat ik columnist werd voor Onzichtbaar Ziek. Daar ben ik in totaal twee jaar met veel plezier columnist geweest.

Ook hier bleef ik schrijven. Over mijn handicap, mijn bipolaire stoornis, mijn slechtere gehoor, maar ook over boeken, lezen, leren en gewoontes. Mijn blog was en is (hoop ik) in meerdere betekenissen Met zonder beperking.

Soms had ik een onderbreking – een blogpauze – maar vroeg of laat kwam ik altijd terug en schreef ik hier op dit blog over wat mij bezig hield, wat ik meemaakte en wat ik leerde. Leerde van het leven en van bloggers en het bloggen zelf. Want soms werd iets me pas echt duidelijk door erover te bloggen, of doordat er een kwartje viel doordat ik ergens dankzij mijn blog veel over had nagedacht. En misschien zorgt mijn bloggen er sowieso wel voor dat ik soms wat langer over bepaalde dingen nadenk. Dat nadenken heeft geholpen en zorgde twee jaar geleden voor een ommekeer in mijn gezondheidssituatie.

Hoe dan ook: ik had het niet willen missen en hoop nog jaren door te gaan. Misschien schrijf ik morgen wel over mijn toekomstplannen.

~~~

Afbeelding van Pexels via Pixabay