Over lessen van elf jaar (waarom ergernissen en de bipolaire stoornis niet samengaan)

Vandaag is het precies elf jaar geleden dat ik afstudeerde. Ook op een donderdag. Met een scriptie over Arendsoog en Biggles. Maar die mag je verder vergeten. Het was niet mijn beste werk, ik wilde vooral die bul. Gelukkig is dat ook gelukt. Ik was nog net geen eeuwige student. Het was vooral mijn bipolaire stoornis die voor die vertraging zorgde.

Met mijn bul hoopte ik niet alleen mijn studie afgerond te hebben, ik ging er langzaam ook op vertrouwen dat mijn stoornis ook een afgesloten hoofdstuk was. En het leek er echt op. Ik vond een baan waar ik helemaal op mijn plek was, waar ik mijn pensioen wel kon halen, dacht ik. Het was een communicatiebureau van en voor mensen met een beperking. Een gedeeltelijke halfzijdige verlamming, slechthorend en een bipolaire stoornis. Ja, daar paste ik wel.

Ik genoot en groeide. Elke vezel in mijn lijf brandde iedere dag van verlangen om aan het werk te gaan. Ik (her)schreef teksten die me echt raakten en las boeken vol (h)erkenning. Ik schreef een column die samen met een ontmoeting op een bijeenkomst over werken en slechthorendheid de basis legde voor dit blog. En daarmee voor vele vriendschappen.

Veel om dankbaar voor te zijn dus.

Helaas sloeg na een vileine aanloop op dat moment – een week en een dag na de presentatie van een Krachtenbundel – mijn bipolaire stoornis hard toe. Ik wist het die ochtend op kantoor meteen, na een opmerking te veel van mijn kant en de reactie van mijn werkgever: dit is foute boel.

En foute boel was het. Eigenlijk zou ik niet eens gaan werken vanwege een pijnlijke enkel, maar zodra ik mijn voelde ik niks meer en dus ging ik werken. Een uurtje dus en daarna afgevoerd richting crisisopvang.

Gelukkig krabbelde ik weer op en had ik mijn blog en vertalingen. Nieuwe banen en een andere richting volgden.

Helaas bleef er één constante: mijn bipolaire stoornis.

Het ging zes jaar goed tot het zomer 2018 weer raak was, en voorjaar 2019 bijna net zo erg als in 2012. Kom ik er dan nooit van af?

Voorjaar 2020: een appje

Ik sta te trillen op mijn benen. Ik ben de kwaadheid voorbij zo kwaad, mijn stem slaat over.

Maar: hee, ik herken dit. Vorig jaar was dit ook zo. En in 2018? Ja. 2012? Check. 2007? Idem dito. 2003? Ja.

Daar, terwijl ik daar stond te trillen van dat appje, had ik mijn eureka-moment: het begint met een ergernis, die zet al die dingen in gang uit mijn signaleringsplan richting manie. Zou het herkennen van een ergernis een verdedigingslinie in de aanval kunnen zijn? Het scheelt een week of zes.

Tot nu toe werkt het. Als ik voel dat ik me erger, laat ik los. Het geeft rust en vertrouwen. Al die dingen die in mijn signaleringsplan staan, zitten kort voor de escalatie. Dit is dus zes weken eerder, ik ben nog veel meer bij mijn verstand. Dat mag je letterlijk nemen want een manie maakt van mijn verstand een onbetrouwbare partner. Op het moment dat ik de ergernis voel ben ik nog helder. Voor alle duidelijkheid: het is geen ergernis uit de categorie: verdorie, er is vanavond niets op tv. Het is het zwaardere werk, zeg maar.

En omdat ik nog helder ben, ben ik in staat om pas op de plaats te maken. Niet te reageren maar de ergernis van me af te laten glijden. Ik hoop met dit extra wapen de ellende met mijn bipolaire stoornis achter me te laten.

Want de stoornis regeerde soms

Natuurlijk vind ik het vervelend dat anderen last hebben gehad van mijn bipolaire stoornis. Maar het was de stoornis, niet ik. En de stoornis zorgde dat ik zo heftig reageerde op het appje, niet de persoon die het appje stuurde. De stoornis zorgt ervoor dat mijn reactie overtrokken kan zijn. Keer op keer kan ik dat aanwijzen.

Door alles wat ik zo leerde, kreeg ik eind oktober dus de behoefte een boek te schrijven. Loslaten, nog meer leren en misschien anderen helpen.

Afbeelding van Gerd Altmann via Pixabay

Dit moment is goed genoeg

Vanmiddag heb ik toch maar weer een keer Mastering the art of change van Leo Babauta erbij gepakt. Het was even nodig. Te veel twijfel: kan ik dit wel? Wil ik dit wel? Ben ik wel het goede voorbeeld? En als ik niet het goede voorbeeld ben: waarom ben ik dan niet het goede voorbeeld? En heeft dat consequenties? Of: moet dat consequenties hebben?

Dat soort vragen dus. Babauta noemt het in het in zijn boek ontevreden over jezelf zijn. Dat je een prachtig schema maakt maar dat je diep in je hart niet gelooft dat je het kunt. En daardoor ga je jezelf saboteren. Babauta noemt het voorbeeld van een cliënt die hij coachte. Ze was te zwaar en moest dus afvallen en meer bewegen. Dit lukte haar echter niet en dat werd volgens Babauta veroorzaakt doordat zij niet geloofde dat ze dit kon en daardoor werd ze ongelukkig over zichzelf en trad een soort selffulfilling prophecy in werking. Of te wel een vicieuze cirkel. Je voldoet niet aan het beeld dat je van jezelf hebt en van daaruit wordt het lastig.

Je wilt wel veranderen maar je gelooft niet dat je het kunt waardoor het ook niet lukt. Nieuwe gewoontes aanleren? Dat gaat dus niet lukken. Terwijl je slechte gewoontes erg hardnekkig blijken te zijn. En dat alles vanuit het gevoel niet goed genoeg te zijn. Is dat gevoel herkenbaar? Voor mij in ieder geval wel. Gelukkig verkeer ik in goed gezelschap want ook Babauta zelf had er last van. Zijn oplossing: denk alleen aan het huidige moment en voel je ‘OK’. Oké, denk ik dan. Dat is mij iets te zweverig.

Maar uiteraard heb ik er langer over nagedacht, anders had ik er geen blogpost aan besteed. Ik begin het namelijk langzaam te geloven. Misschien is het wel heel simpel: als je je op dit moment ‘OK’ voelt – of goed genoeg – dan is dit moment goed genoeg om je gewenste gedrag uit te voeren en hoef je het dus niet (tot sint-juttemis) uit te stellen.

Het moment waarderen = jezelf waarderen?

Het moeilijke is natuurlijk dat jezelf waarderen verdomd lastig kan zijn, je eigen falen maakt geloven in jezelf lastiger. Misschien is het moment waarderen en je realiseren dat je goed genoeg bent op dat moment makkelijker. Ik ga het in ieder geval een tijdje proberen, samen met wat afvinklijstjes. Want waarom zou ik mezelf tegenhouden?

~~~

Afbeelding van sulox32 via Pixabay

Wat jammer dat het zo snel went

Botuline

Na de hele week na mijn werk veertig minuten te hebben gewandeld, was het vandaag weer tijd voor een langere wandeling. Twaalf kilometer. Het weer was prachtig en de wandeling zelf ook. Alleen voelde ik toch een lichte teleurstelling. Het spectaculaire van vorige week was er af. Het voelde als normaal aan. Ja, het liep heerlijk maar ik was er al aan gewend. Het voelde niet meer als bijzonder en dat was natuurlijk wel een klein beetje jammer.

Toch ben ik uiteraard nog steeds heel blij met de botox. Ik loep soepeler, gemakkelijker, sneller als het nodig is. Ik kan nu in ieder geval makkelijker het tempo van andere mensen volgen, soms loop ik zelfs harder dan anderen en dat is een vreemde gewaarwording. Nu ben ik soms degene die zich in moet houden. Of er iemand een heel stuk voor me loopt, wordt de afstand met die ander niet groter.

En dat heb ik dan allemaal te danken aan een injectie met botox in een spier in mijn rechterbovenbeen. Daardoor zou ik mijn knie beter kunnen buigen en dat blijkt inderdaad het geval te zijn. Ik kende natuurlijk het voordeel van botox in mijn arm maar zelfs vanuit die kennis had ik er nooit bij stil gestaan dat ik zo veel winst kon behalen door het ook in mijn been te gaan gebruiken. Achteraf vind ik dat natuurlijk merkwaardig. Misschien had ik het eerder moeten doen maar laat ik vooral blij zijn dat ik het nu gebruik en er nu van profiteer.

De revalidatiearts zei dat sommige mensen het niet merkten, anderen wel en weer anderen merkten het juist pas als het uitgewerkt was. Ik merk het dus duidelijk wel en vraag me af hoe snel ik het zou merken als het weer uitgewerkt is. Waarschijnlijk snel, want dan sleep ik meer met mijn been en struikel ik veel vaker bijna. Stiekem hoop ik dat ik dat moment voor kan blijven door op tijd een nieuwe afspraak te plannen.

Over een week of vijf heb ik weer een afspraak met mijn revalidatiearts om te kijken hoe het gaat. Ik verwacht dat we dan ook meteen een nieuwe afspraak plannen voor de botox want de revalidatieartsen zullen neem ik aan wel weten hoe lang zo’n injectie doorgaans werkt. Mij is jaren geleden ooit verteld dat de botuline na injectie zo ongeveer drie à vier maanden effect blijft houden. En de praktijk van mijn arm leert dat die mogelijk wel een half jaar ontspannen kan blijven. Het was door de botox strategisch laat in de herfst te halen zelfs mogelijk om een er een jaar plezier van te hebben.

Het blijft bijzonder, die botox.

Afbeelding van Arek Socha via Pixabay

Botox bleek geen doping

Botuline

Na de euforie van de botox ben ik inmiddels toch weer op aarde geland. Zaterdag 13 kilometer heerlijk gewandeld maar wel met een flinke blaar en een bijna blaar plus beknelde nagal als resultaat. Ik had toch al een afspraak met de schoenmaker dus hij heeft gelijk de schoenen aangepast. Nu maar hopen dat het helpt. Het euvel speelde ook al bij mijn vorige schoenen, alleen hadden we daar allebei niet aan gedacht toen ik bestelde. Jammer, maar dat mag de pret niet drukken. Ik blijf gewoon wandelen na het werk, voorlopig op mijn oude schoenen tot alles weer is genezen. Ik voel alleen de beknelde nagel boven de bijna blaar nog een beetje.

Dus nog even voorzichtig aan maar zaterdag in ieder geval weer een langere tocht. Dat zal wel weer lukken. Wat nog niet helemaal wil lukken, is dagelijks een blog posten, en met mijn boek en Mossyface bezig zijn. Ik had een prachtige planning gemaakt deze week, maar uitvoeren ho maar. Morgen dan toch maar oppakken met drie dagen vertraging. Dan komt het toch wel goed. Desnoods ga ik dit blog als accountability partner gebruiken.

Dat heeft als voordeel dat ik ook meteen weer regelmatiger ga bloggen. Drie vliegen in één klap. Ik had gehoopt dat die botox als een soort van doping ging werken waarmee ik vanzelf al die leuke dingen weer op ging pakken. Natuurlijk werkt het zo niet en zal ik dan ook zelf aan de slag moeten. Van november tot en met januari liep het zo liep het zo lekker. Dat mis ik nu best. Voor het boek en Mossyface kan ik als excuus aanvoeren dat het steeds net te weinig etappes zijn voordat de gewoontespier, de basale ganglia, in actie kan komen. Dan moet het op wilskracht en daar heb je elke dag maar een beperkte hoeveelheid van.

Wat de reden ook is, jammer vind ik het dus wel. Mossyface achtervolgt me nu al meer dan 2,5 jaar. Ik begrijp nu ook wel dat ik er te vroeg aan ben begonnen omdat de in mijn geval anderhalf jaar nog niet voorbij was, maar het heeft uiteraard geen zin om anderhalf jaar te wachten, want dan bereik ik helemaal niks. Ik had me alleen bewuster moeten zijn van het feit dat ik nog niet scherp (genoeg) was.

En met dat boek heb ik echt het gevoel dat ik echt wat te vertellen heb waar ik mensen mee kan helpen. En ik al zo veel mooie reacties gehad dat ik het er niet bij kan laten zijn.

Aan de slag dus, morgen. Over uitstelgedrag gesproken 😉

Afbeelding van Arek Socha via Pixabay

Van driekwartspas naar vierkwartspas en soepel

Vanmiddag weer 13 kilometer gewandeld door de hei. Heerlijk zonnetje erbij, open jas. Je hoort mij niet klagen. Sterker nog, het was genieten. Van het prachtige weer en de mooie omgeving maar na het spectaculaire verhaal van gisteren was het nu echt duidelijk. Het gaat echt beter met dat lopen van mij. Mijn rechterbeen voelt gelijkwaardig aan het linker en dat is een gewaarwording waar ik van kan genieten. Big smile hier.

Lopen ging altijd wel, afstanden ook, maar mijn rechterbeen ging altijd wat moeizamer. Ik stootte mijn tenen regelmatig ergens aan omdat ik moeite had mijn been voldoende op te tillen. Nu gaat dat een stuk soepeler. Ik til mijn been nu veel automatischer op. Voor de botox moest ik echt bewust nadenken, wilde ik mijn rechterbeen goed kunnen neerzetten. En je snapt dat er van bewust nadenken lang niet altijd sprake is bij lopen.

Dus zag het er altijd wat schokkerig en hoorde ik weleens iemand zeggen: “Dat je niet vaker valt.” Dat beaamde ik dan maar schaapachtig maar ik begreep wel waar de opmerking vandaan kwam, want je zag altijd dat het lopen wat lastiger ging. En zo voelde het ook wel een beetje aan, als ik eerlijk ben. Mijn rechterbeen deed nooit helemaal wat ik wilde. Tot nu. En dat door een simpel spuitje botox, al gebruiken ze op het revalidatiecentrum de officiële naam: botuline.

In de maat

Het gaat nu soepel en gemakkelijk. Dat had ik gisteren zelf al gevoeld en gezien en vandaag werd het door andere ogen bevestigd. Ik loop dus echt beter. Het is niet alleen mijn gevoel. Het ziet ook anders uit, kijk maar mee. Tot eergisteren stapte ik met mijn linkerbeen wel voorbij mijn rechterbeen, maar mijn rechtervoet landde daarna naast de linker. Dat is een driekwartspas en dat ziet wat vreemd uit. Probeer het maar eens. Voeg dat bij een niet goed buigende rechterknie en het ziet er allemaal – laat ik maar eerlijk benoemen – gehandicapt uit. Door dat ene spuitje gaat mijn rechterbeen nu voorbij mijn linker en heb ik een vierkwartspas. Ik kan nu dus in de maat lopen.

Daar komt nog bij dat mijn knie minder onwillig is en ook soepeler. Ik til mijn been makkelijker op, ik land zachter en heb eindelijk het gevoel dat lopen ‘normaal’ gaat. Heerlijk. Laat er maar veel wandelkilometers komen.

~~~

Afbeelding van mohamed Hassan via Pixabay

Hoe een wandeling spectaculair werd

Botuline

Nee, niet door de omgeving. Die vind ik ook spectaculair maar daar heeft Rowwen Hèze al eens ooit een mooi liedje over geschreven. Het wandelen zelf was spectaculair. Gisteren regende het toen ik klaar was met werken en daar kunnen mijn hoorapparaten niet tegen, zeg ik dan altijd maar. Dus ik bleef binnen en moest wachten tot vandaag hoe de botox in mijn been zou werken.

En het werkte vanmiddag fantastisch. Ik liep soepeler, krachtiger, sneller, makkelijker enzovoorts dan ik gewend ben. Het voelde weer aan als die eerste keer dat ik botox in mijn rechterarm liet injecteren. Ik kon mijn rechterhand na een paar dagen in mijn jaszak. Ongelooflijk.

Straks onder het wandelen voelde het ongeveer vergelijkbaar. Ik liep automatisch een tempo hoger – waardoor ik het idee kreeg dat de wandeling ook nog eens goed was voor mijn conditie -, ik tilde mijn been gemakkelijker op, landde veel zachter, liep in een recht spoor waar ik juist gewend was dat dat mijn rechtervoet steeds naar buiten draaide. Nu zag ik als ik af en toe omlaag keek dat mijn rechtervoet net als de linkervoet gewoon recht stond. Het lukte me nooit echt door te zwaaien met mijn rechterbeen, waardoor mijn passen met rechts nooit ‘af’ waren. Mijn rechtervoet kwam altijd min of meer ter hoogte van mijn linkervoet op de grond terecht. Nu ging rechts links voorbij en waren mijn passen dus langer. Misschien dat dat verklaart waarom het ook sneller ging. Nu had ik het gevoel dat rechts net zo normaal liep als links.

Ik werd gisteren door de arts nog gewaarschuwd dat het effect tegen kon vallen en ik ben me er terdege van bewust dat één zwaluw nog geen zomer maakt. Maar ik kijk nu wel enorm uit naar de wandelingen van de komende tijd want ik wil graag zien waar dit toe leidt. En misschien helpt de fysio/krachttraining die ik daarnaast voorgeschreven kreeg ook nog, al had ik vanmiddag het gevoel dat je met een simpele injectie veel meer bereikt dan met alle oefeningen die je maar kunt doen, want ik loop natuurlijk al jaren bijna elke dag. Daar kun je natuurlijk ook tegenover stellen dat je met botuline én oefeningen misschien nog meer kunt bereiken. En dát wil ik graag zien. Ik voel me weer op en top gemotiveerd. Na het weekend daar achteraan dus.

~~~

Afbeelding van Arek Socha via Pixabay

Botuline in arm én been

Vanmorgen had ik mijn tweede afspraak deze week bij het revalidatiecentrum. Dit keer voor botuline (botox) injecties in mijn rechterarm en rechterbeen. Dat laatste was nieuw voor mij en ik was sinds dinsdag een klein beetje zenuwachtig. Bij de afspraak van dinsdag had mijn revalidatiearts me gewaarschuwd dat ik een beetje uit moest kijken omdat mijn been na de de behandeling misschien wat anders aan zou voelen.

Daar ga je dan over doorpraten en nadenken. En wordt zoiets toch wel een olifant, een baby dan wel te verstaan maar geheel ongegrond waren die gedachtes niet omdat toen ik tien bijna tien jaar geleden voor het eerst botox in mijn arm kreeg was wilde mijn toenmalige revalidatiearts het spasme in de elleboog, in de pols en in de vingers aanpakken. Dat leek mij een prima plan maar merkte ik dat ik allerlei dingen niet meer kon.

Ik heb bijvoorbeeld een horloge met een rekbandje om mijn linkerpols zitten. Als ik dat horloge af wil doen, schuif ik mijn rechterwijsvinger om dat bandje en hoef ik alleen maar mijn linkerarm naar links te bewegen. Door het spasme blijft het horloge dan aan mijn vinger hangen en dus gaat het af. Doordat het spasme weg was ging dat niet meer. En zo waren er meer dingen. Tandenpastatubes vasthouden, shampooflessen. Best lastig, die drie à vier maanden dat het duurde voor de botox was uitgewerkt. Daarna dus alleen nog maar de pols en de elleboog.

En nu het been dus

Jarenlang heb ik injecties daar afhouden omdat ik vond dat ik goed genoeg liep maar door die valpartij afgelopen zomer ben ik daar anders over gaan denken. Het was nogal een klap, letterlijk en figuurlijk. Maar dan blijkt dus botox in mijn been ook een optie en ik heb er na alle positieve ervaring in mijn arm niet lang over hoeven na te denken hoewel ik natuurlijk af en toe wel terugdacht aan mijn eerste botoxervaring in mijn arm.

Maar de arts stelde me vanmorgen helemaal gerust. Het was een lage dosering, een kleine spier en ik had voldoende kracht in mijn andere beenspieren om eventuele ongemakken op te vangen. OK, en het bleek maar één injectie te zijn. Dus het was zo gebeurd. In mijn arm verdween meer botox maar dat was dus routine. En hoewel men mij eerder verteld heeft dat het drie dagen duurt voor die injectie volledig in de spier getrokken is, meen ik nu al effect te voelen. Vooral in de arm maar ook in het been. Ik mocht gewoon alles blijven doen wat ik normaal deed. Helaas regende het straks maar ik ben heel benieuwd hoe het lopen morgen en in het weekend gaat.

~~~

Afbeelding van Arek Socha via Pixabay

Voorlopig geen aangepaste aangepaste schoenen

linkerschoen

Vanmiddag deel 1a van de resultaten van mijn looponderzoek bij revalidatiecentrum Blixembosch. Een mogelijkheid om mij wat gemakkelijker te laten lopen, dat wil zeggen: voorkomen dat ik mijn rechtervoet bij het lopen zo vaak ergens aan stoot, waarbij ik dus af en toe val. Gemiddeld één keer per jaar, zeg maar. Maar afgelopen zomer ineens twee keer. Reden om toch maar naar verbetering te gaan zoeken.

Drie mogelijkheden waren er: vanmiddag het eerste deel: kijken of de schoen aangepast moest worden. Door in de linkerschoen een zooltje van een halve centimeter te leggen, komt mijn linkerbeen iets hoger dan het rechter. Daardoor heb ik met rechts iets meer speling met lopen; die voet gaat dan immers een halve centimeter de lucht in en komt dus minder snel in aanraking met de grond.

Je zou denken dat je daar scheef van gaat lopen of dat dat vreemd aanvoelt. Dat bleek na oefenen niet meer het geval te zijn. Toch ging het niet optimaal omdat mijn voetbed in de schoen is gelijmd omdat in het verleden wel eens op de opstaande randen ging staan als ik mijn schoenen aantrok. Die bogen dan dubbel en dat was alleen maar lastig. Vandaar dat ze gelijmd worden. Normaal heel praktisch omdat het het aantrekken vergemakkelijkt, nu even onhandig. Daardoor moest het zooltje op het voetbed komen te liggen in plaats van eronder. Dat liep niet zo prettig en gaf een vertekend beeld van het effect.

Maar alle aanwezige experts waren tevreden met hoe ik liep. Een paar weken na het looponderzoek heb ik nieuwe schoenen gekregen. Daar had ik al goed verende zolen voor gevraagd en ik merk nu ik die een tijdje heb dat ik beter ben gaan lopen. De vering zorgt er niet alleen voor dat ik zachter land, maar ook dat de voet als het waar terug omhoog stuitert. Dat is wat overdreven maar het effect is dat ik beter loop. Als ik dan toch overdrijf: met mijn vorige schoenen bonkte ik nogal eens. Boem op de grond.

Daarnaast had ik de opmerking dat mijn schoenen te los zaten ter harte genomen. Dat was op zich logisch want de schoenen van het looponderzoek waren al best oud en helemaal uitgelopen maar ik let er nu beter op. Ik trek de klittenbanden nu strakker aan. Daardoor merk ik niet alleen dat ik meer steun heb omdat de schoen wat minder losjes om mijn rechtervoet zit, maar ik kreeg vanmiddag zelfs te horen dat ze strak genoeg zaten. Links was al nooit een probleem, maar als je met links je rechterschoen wilt dichtmaken met klittenbanden, dan zit je been in de weg. Maar de aangeboden optie om de sluiting andersom te zeggen, was dus niet nodig.

En dat zooltje van een halve centimeter?

We kijken eerst naar het effect van de botox in mijn rechterbovenbeen. Die afspraak (deel 2 dus) staat voor donderdag. Die zou het effect moeten hebben dat ik mijn been makkelijker op kan tillen. En dan is er ook nog deel 3, fysiotherapie, annex krachttraining. Evaluatie bij de revalidatiearts: over zes weken. Dan kijken we of het zooltje alsnog een optie is.

Soms duurt het wat langer

Vandaag ben ik bezig geweest met mijn boek, met mijn vertaling en nu met mijn blog en wat vind ik het heerlijk. Straks nog wat lezen en morgen ook nog wandelen erbij en het begint er zowaar op te lijken. Zo hoop ik het vol te houden. Dat klinkt misschien gek maar heeft alles met de manie van begin 2019 te maken. De manie was snel onder controle en ik zweefde nog een tijdje door op een onschuldige variant van die manie.

Dat was fijn en prettig maar net op het moment dat ik dacht mezelf weer te herpakken begon de ellende pas echt. Mijn zelfvertrouwen was met de noorderzon vertrokken, al leek het van buitenaf misschien nog heel wat omdat ik weer aan het werk en aan het vertalen was. Het was alleen routinematig afraffelen, echt nadenken was er niet bij. Dat heb ik bijvoorbeeld gemerkt aan de reacties van mijn meelezers voor mijn vertaling. Terecht commentaar waar ik toen moeite mee maar nu dankbaar voor ben.

Toen had ik nog niet aan de anderhalf-jaarregel gedacht. Die heb ik inmiddels zelf bedacht. Na de manie van duurde het onder andere doordat ik mijn werk kwijtraakte anderhalf jaar voor ik weer echt het gevoel had van: ‘Nu gaat-ie goed.’ Na de manie van 2018 was het binnen anderhalf jaar weer raak in 2019 en opnieuw voelde ik me pas na anderhalf jaar echt boven Jan. Ik zat toch met vragen: waarom gaat het iedere keer mis als het eindelijk weer goed lijkt te gaan – ik ben me ervan bewust dat ik dit schrijf – en wat heeft het dan voor zin? Wat doe ik fout? Wat heeft het allemaal voor zin? En zo kan ik nog wel even doorgaan. Ik twijfel in zo’n periode enorm? Niet continu, maar wel regelmatig genoeg om hinderlijk te zijn.

Daarom heet het dus bipolaire stoornis. Het is dan wel geen depressie maar prettig is anders. Maar ik blijf optimistisch. Ik heb die anderhalf jaar nooit lijdzaam afgewacht, vertaalde boeken, werkte en leerde over mijn stoornis. En die stoornis heb ik misschien nu wel dusdanig op de korrel dat ik goede hoop heb een doorbraak op het spoor te zijn. Vandaar ook mijn boek, min of meer als gehoopte afsluiting.

Want ik heb iets gevonden wat tot nu toe prima en wat mij zes tot acht weken voorsprong op anderhalf jaar ‘net niet’ geeft. En dat gun ik iedereen.

~~~

Afbeelding van klimkin via Pixabay

3x beter lopen

linkerschoen

Volgende week donderdag kan ik dan eindelijk naar het botulinespreekuur van het Blixembosch. Voor mijn arm weet ik al wat dat in gaat houden maar voor mijn been sta ik voor een verrassing. Ik heb trouwens volgende week nog een afspraak op het Blixembosch: er wordt gekeken of de zool van mijn linkerschoen iets hoger gemaakt kan worden zodat ik iets minder makkelijk kan struikelen met mijn afhangende rechtervoet. Die hangt dan immers iets hoger waardoor hij minder makkelijk bij de grond kan. Ze hebben me verteld dat dat kan zonder dat het lopen beïnvloedt want ik vind het wat raar klinken, zeker omdat mijn benen even lang zijn. Ik ben benieuwd of het wat wordt want er staat me iets van bij dat dit in het verleden al eens eerder is geprobeerd.

Ergens vind ik ook dat ik van dat lopen van mij geen al te groot drama moet maken. Ik loop zonder moeite hele afstanden en bijna dagelijks (geen hele afstanden dan) en val gemiddeld 1 keer per jaar. Toevallig had ik afgelopen zomer pech met 2 keer in een paar maanden. Dat gezegd zijnde zie ik absoluut wel het net van beter leren lopen. Er is zeker winst te behalen omdat ik best hard land met rechts. Gelukkig heb ik dat met mijn nieuwe schoenen al grotendeels weten te ondervangen door zolen met meer demping. Dat gaat goed komen.

Tot mijn twintigste heb ik altijd fysiotherapie gehad. Daar moet ik de laatste tijd regelmatig aan terugdenken. De fysiotherapie op de Mytylschool (op het aanpalende Blixembosch van volgende week) stelde eerlijkheidshalve niet zo heel veel voor. Het ging me makkelijk af. Pas toen ik de overstap maakte naar de reguliere basisschool bij ons in het dorp en ik fysiotherapie kreeg in het ziekenhuis werd het echt de moeite waard. En het eerste half jaar ook vermoeiend. Op de terugweg naar huis viel ik regelmatig in de auto in slaap.

Mijn therapeute pakte me echt aan. Het ging om beter lopen en om het spasme in mijn arm tegen te gaan. Ik moest zo netjes mogelijk lopen, ook mijn rechtervoet goed en zachtjes neerzetten. “Je loopt als een olifant in een porseleinkast,” hoorde ik haar regelmatig zeggen en ze kon wel eens gelijk hebben gehad. Toch denk ik met veel plezier en dankbaarheid terug aan die therapie van toen. Dat ik zo veel kan lopen heb ik denk ik voor een groot deel te danken aan haar en aan mijn helaas veel te jong overleden orthopedisch schoenmaker.

Daarom ben ik ook benieuwd naar de therapie die ik nu heb voorgeschreven. Het ziet er op papier nogal intimiderend uit. Ik ga in het weekend eens goed op zoek naar voorbeelden van de voorgeschreven oefeningen en kijken of er ook iets als dagelijkse gewoonte te oefenen valt. Want dat is natuurlijk wat deze drieslag – extra aangepaste schoenen, botuline en fysiotherapie – nog sterker kan maken.

Wordt vervolgd…