Binnenshuis bewegen

Normaal ga ik bijna elke dag wandelen maar nu met dat verse sneeuwdek is dat even geen optie, zeker niet omdat er onder de sneeuw nog een laagje ijs van de ijzel schijnt te zitten. Dat maakt het nog gladder en dat is met mijn handicap niet handig. Mijn hele rechter lichaamshelft kan ik niet goed gebruiken door een gedeeltelijke halfzijdige verlamming. Daarom loop ik ondanks orthopedische schoenen wat moeizaam. Ik kan niet goed steunen op mijn rechterbeen en dat is met sneeuw en gladheid niet makkelijk.

Daarom hoop ik maar dat het zoals voorspeld wordt na vanavond ophoudt met sneeuwen. Als er dan sneeuw geruimd wordt heeft dat tenminste zin. En hopelijk gaat ook de wind liggen. Dan kan ik me later in de week misschien toch nog een keer buiten wagen voor een kort blokje om. Maar we zullen wel zien. Ondertussen vermaak ik me binnenshuis ook wel.

Morgen mag ik weer gewoon van thuis uit aan het werk en ik heb vandaag een beetje geëxperimenteerd hoe ik toch wat beweging kan krijgen nu ik mijn dagelijkse rondje buiten moet missen. We hebben gelukkig een huis met trappen. Daarom ziet het binnenbeweegregime er zo uit:

  • Ochtend:
    • 12x traplopen op en neer om het hart aan de slag te krijgen. Daar doe ik vijf minuten over.
    • Daarna 12 minuten ontspanningsoefeningen voor mijn rechterarm want die is spastisch en de kou is er niet goed voor. Ik verstrengel mijn vingers en laat de handpalmen elkaar raken. Langzaam ontspant mijn arm. Als dat gebeurd is, strek ik mijn armen naar voren terwijl ik ervoor zorg dat ontspanning blijft. Daarna met de arm schuin omhoog en tot slot gestrekt maar ontspannen omlaag.
    • Kwartiertje door het huis slenteren
  • Middag:
    • 12x keer traplopen
    • 12 minuten ontspanningsoefeningen rechterarm
    • Kwartiertje door het huis slenteren
  • Avond:
    • 12 minuten ontspanningsoefeningen rechterarm
  • De hele dag door:
    • Niet te lang blijven zitten, regelmatig de trap pakken, wat niet heel moeilijk is als je boven werkt en beneden ontspant.

Als ik nou morgen vind dat te veel stilzit onder het werk, kan ik nog altijd de Pomodorotechniek gebruiken. En ik hoop dus maar dat ik snel weer buiten kan gaan wandelen zodat dit regime op de ontspanningsoefeningen na weer snel de ijskast in kan. Gelukkig kan ik eind vorige week botox laten zetten in been en arm maar de oefeningen houd ik erin omdat de artsen me hebben verteld dat deze de werking van de botox versterken.

~~~

Afbeelding van Michal Jarmoluk via Pixabay

Hoe ik las of hoop te gaan lezen

Deze blogpost is deel 5 van 5 in de reeks Terug naar Cultuurwetenschappen

Eén van de (lichte) frustraties van mijn studie Cultuurwetenschappen aan de UvT was dat ik na afloop van veel van de prachtige romans die we mochten lezen toch vaak licht teleurgesteld achterbleef. Wat een prachtig boek, maar wat mis ik waarschijnlijk veel.

Dat besef werd er natuurlijk niet kleiner op doordat we allerlei colleges hadden gehad over literatuuropvattingen en leestheorieën zoals de Russische formalisten, close reading (Merlyn) of reader-response theory. We kregen dan per college de belangrijkste eigenschappen en namen te horen van zo’n theorie. Maar hoe de heren van Merlyn dan hun teksten lazen, bleef in duisternis gehuld. Want het het ‘hoe’ kreeg weinig aandacht.

Door die achtergrondkennis was het mij duidelijk dat ik veel miste bij het lezen van een roman. Ja, ik haalde het thema van het college wel uit het boek en ik zag af en toe voorbeelden van intertekstualiteit. Gelukkig raakten de meeste romans ook zonder al te diepgravende tekstuele analyse een snaar bij me en kon ik de boeken van voldoende duiding voorzien om de vakken te halen. Hoeveel vakken we ook hadden, de praktijk bij de theorie werd aan ons studenten overgelaten.

Eerlijkheidshalve moet ik er bij zeggen dat ik mij afvraag of ik voldoende tijd gehad zou hebben om echt diep in een boek te duiken. Soms moesten we een vuistdikke roman van vijfhonderd pagina’s en theoretische achtergrondteksten bestuderen en kwamen daar nog andere vakken bij ook. Dan hadden we de week erop misschien een dunner literair werk te lezen, maar het is voor het idee.

Er meer uithalen met extra uitdagingen

Nu kan ik weliswaar zo lang doen over een roman als ik zelf wil, maar hoewel ik geniet van het lezen bekruipt me nog regelmatig het gevoel dat er meer uit te halen valt. En dat is precies de uitdaging die ik met Hoe lees ik? van Lidewijde Paris aan wil gaan. Ik ben er vandaag aan begonnen en ik werd al meteen geconfronteerd met een mogelijke tekortkoming van mijn leesstrategie: ik maak geen aantekeningen in boeken. Dat heeft alles te maken met mijn handicap. Daardoor kan ik maar één hand gebruiken en om het nog onhandiger (pun intended) te maken is dat mijn linkerhand terwijl ik van aanleg rechtshandig ben. En dat is te zien aan mijn handschrift en maakt aantekeningen maken in een boek tot een tamelijk zinloze exercitie.

Dus zit ik nu met Hoe lees ik? niet in mijn luie stoel maar aan de keukentafel met een schrift en een pen in de aanslag. Want ik begrijp absoluut wel het nut van aantekeningen maken tijdens het lezen, het is alleen nog zoeken naar een goede manier om dat te doen. Het is bijvoorbeeld de vraag of mijn rechterarm niet te spastisch is om het boek open te houden tijdens het maken van aantekeningen. Die rechterarm heeft nogal de neiging naar mijn schouder te gaan.

Zo stelt aandachtig lezen mij voor wat extra uitdagingen. Die zouden opgelost kunnen worden met de e-reader die ik ook heb maar het is zonde om al mijn prachtige papieren romans ongelezen te laten. En ik heb Hoe lees ik? ook op papier besteld bij de lokale boekhandel.

Bron afbeelding: Goodreads

Het boek en de praktijk

Dan ga ik op maandag keurig na twee maanden onderbreking weer aan de slag met het boek over wat ik in 20+ jaar geleerd heb over mijn bipolaire stoornis, dan zijn er later die dag weer signalen zodat ik op de rem moest. Die signalen waren er namelijk al een paar dagen en dan geldt simpelweg de afspraak dat ik veel laat vallen en contact zoek met mijn verschillende hulpverleners.

Ja, zo gaat dat, en ik wil ook absoluut niet meer anders. Beter tien keer te vroeg dan nog een keer te laat. Die les heb ik wel geleerd. Doordat ik op maandag al ingreep, heb ik mezelf een glijdende schaal van een week of zes tot acht met bekende afloop bespaard. Dat het deze week dan even niet goed voelde, sterker nog: dat ik me rot voelde, neem ik in dat kader graag voor lief.

Inmiddels heb ik iedereen gesproken die ik moest spreken, is duidelijk wat er aan de hand was, ligt er iets van een plan van aanpak, heb ik weer vertrouwen en heb ik vanmiddag de geleerde lessen maar aan mijn boek toegevoegd. Maar dit moet niet elke week, dan wordt het nog een dik boek. In een boek dat gaat over hoe ik omga met mijn bipolaire stoornis en hoe ik herhaling voortaan hoop te voorkomen, mogen die lessen echter niet ontbreken. Want het doel van het boek is juist mijn lessen te verwerken tot praktische handvatten zodat ik situaties in de toekomst weet te herkennen en er anders op kan reageren.

Herkenbaar patroon

Na alles wat ik over gewoontes heb gelezen, begin ik steeds duidelijker patronen in mijn gedrag te herkennen. Er gebeurt iets of een bepaalde situatie doet zich voor en dat triggert mij. In het verleden leidde zo’n trigger mij tot een reactie die uiteindelijk uitmondde in een manie. Gelukkig heb ik geleerd zo’n trigger te herkennen. Dat geeft me bij wijze van spreken de mogelijkheid de pauzeknop in te drukken; de hulptroepen in te schakelen en een reactie te bedenken die mij niet richting manie leidt maar die mij op het gezonde pad houdt.

Gelukkig heb ik nu weer het idee dat ik op het gezonde pad zit. Dat dat pad niet richting die heerlijke euforie koerst die bij een manie hoort, neem ik graag voor lief. Die euforie duurt namelijk een paar weken maar levert daarna een hoop ellende op. En over die ellende ga ik morgen schrijven in mijn boek. Twee maanden geleden vond ik het nog te persoonlijk om het erover te hebben maar nu denk ik dat ik niet om dit onderwerp heen kan als ik echt iets wil met dit boek. Waarschijnlijk ben ik namelijk niet de enige met dit probleem.

~~~

Afbeelding van Larisa Koshkina via Pixabay

Terugblik op januari

De maand is dan nog wel niet helemaal afgelopen maar ik was van plan mijn maandelijkse terugblik op de maand op de laatste dag van die maand te schrijven, dus daar houd ik me aan. Bovendien, de terugblik op het weer van het afgelopen kwartaal komt ook altijd op de laatste dag van dat kwartaal…

Kijk ik naar bloggen dan heb ik mijn doel gehaald. Dagelijks bloggen is niet gelukt maar ik weet voor die dagen dat ik niet blogde waarom ik die dag oversloeg. Inclusief deze post heb ik 24 van de 31 dagen een post gepubliceerd. Wat mij betreft een mooie score, maar ik moet toch alert zijn want in december sloeg ik maar 1 dag over. Dus ik moet zorgen dat dat geen dalende lijn wordt.

Gelukkig heb ik nog wel wat onderwerpen liggen. Ik denk aan mijn boek, aan mijn vertaling en aan gewoontes. Aan lezen. Aan mijn handicaps. Dus voorlopig hoop ik nog even vooruit te kunnen. Ik had me voorgenomen om tot aan het einde van de lockdown dagelijks te bloggen, dus ik mag nog even door. Na de lockdown kijk ik verder.

Ik merk in ieder geval dat ik er veel plezier aan beleef. Wat me ook veel plezier oplevert is lezen. Maar daar heb ik wat meer moeite mee. Ik heb deze maand Reisgenoten, deel 1 van In de ban van de Ring van J.R.R. Tolkien uitgelezen, maar daarna bleef ik al snel hangen in De twee torens. Gelukkig las ik dan wel weer Atomic habits van James Clear. Maar al met al heb ik zeker de helft van de dagen van deze maand niet gelezen. En dat vind ik jammer.

Tegelijkertijd merk ik sinds de (eerste) lockdown dat ik moeite heb mezelf te motiveren. Ik heb er geen zin in en stel het daarom uit. Van lezen komt dan vaak niets meer. Een soort van onzinnige ‘Als niet X, dan niet Y’-constructie. Ja, ik weet hoe stom dat klinkt, maar dankzij die nog stommere stoornis die ik heb, heb ik veel te lang niet goed in mijn vel gezeten.

En helaas kan ik de oorzaak niet zo één, twee, drie wegnemen. Natuurlijk, ik reageer zoals ik reageer door mijn stoornis maar ook die is een blijvertje. Ik kan er alleen maar zo goed mogelijk mee omgaan, vandaar ook mijn boek in wording. Maar al met maakt dat ik me af en toe moedeloos en heb ik soms de neiging mijn kop in het zand te steken.

Dat helpt uiteraard niets dus probeer ik vanaf vanaf morgen iedere ochtend iets te hebben waar ik me op verheug: lezen. Begin de dag met een boek. Om dat sombere tegen te gaan dat ik sinds de (eerste) lockdown toch wel heb. Het gaat wel over maar met moeite. Dus wil ik het lezen in de ochtend over een andere boeg gooien en hopelijk vrolijk en energiek aan de dag beginnen. In ieder zolang ik thuis werk.

~~~

Afbeelding van S. Hermann & F. Richter via Pixabay

Nog even geen Cultuurwetenschappen maar straks…

Deze blogpost is deel 4 van 5 in de reeks Terug naar Cultuurwetenschappen

Mijn studie Cultuurwetenschappen is niet helemaal gelopen zoals ik het misschien graag gewild had. Ik heb er lang over gedaan omdat ik toen ook al last had van mijn bipolaire stoornis en dat zorgde nogal voor problemen. Het speelde bijvoorbeeld vooral op rond de tijd dat er tentamens waren of dat er werkstukken ingeleverd moesten worden. Dat ging dan vaak mis. Het jaar daarna kon ik het dan opnieuw proberen want het kostte me behoorlijk wat tijd om weer helemaal de oude te worden.

Maar dat jaar erop had ik dan weinig zelf vertrouwen – ik word toch weer ziek als ik alles op orde heb, waarom zou ik moeite doen? Gevolg was dat mijn motivatie niet zo hoog was en dat ik uit werkstukken, op een enkele uitzondering na zoals mijn bachelorscriptie en een enkele paper uit de master, lang niet alles haalde wat erin zat.

Wel heb ik interessante studieboeken en readers gehad die absoluut meer aandacht verdienden dan ik ze op dat moment gaf. Vandaar ook deze serie en ik ben nog steeds van plan daar meer mee te doen. Zo lees ik graag met Peter en zijn avonturen voor de studie Cultuurwetenschappen aan de OU. Voor die tijd dacht ik bij de OU vooral aan Rensenbrink die niet op de paal schoot, maar dat beeld is een stuk bijgesteld.

Longreads?

Langzaam begin ik een idee te krijgen. Zo zou ik best een aantal literaire werken uit mijn studie nogmaals willen lezen en als ik de opdrachten nog kan vinden nog een keer een analyse schrijven van die boeken, waarbij ik dan uiteraard ook de blogs van Peter meeneem. Ja, dat zie ik eigenlijk wel zitten. Ik weet alleen nog niet precies hoe ik het wil doen. De papers waren langer dan mijn blogs en ik zou moeten kijken of het kan splitsen of dat ik er longreads van maak. We zullen zien. En misschien ga ik ook wel wat voorbeelden laten zien van de colleges en het onderzoek van bepaalde docenten. Zo heb ik bijvoorbeeld college gehad van iemand die in een artikel op Neerlandistiek.nl het Paard van Troje werd genoemd. Nee, ik link nog niet 😉

Vorig jaar gaf ik al aan dat Mossyface voorrang had – dat begint nu eindelijk op te schieten – maar ik had er toen nog geen idee van dat ik ook nog een boek ging schrijven en ook dat heeft even voorrang. Maar daarna….

~~~

Afbeelding van Dimitris Vetsikas via Pixabay

De proef op de som

Gisteren had ik na wat bladeren in Atomic habits geen zin om uit te werken hoe je een gewoonte aanleert, dan wel afleert. Van ‘ellende’ ook maar niet geblogd. Het is allemaal theorie en het gaat uiteindelijk om de praktijk. Je kunt op de site van James Clear een leuke samenvatting van zijn ideeën vinden en datzelfde geldt trouwens voor de ideeën van Charles Duhigg. Bij beiden betekent dat overigens inschrijven voor hun nieuwsbrief.

Vandaag had ik nog steeds geen zin om over de theorie te bloggen. Maar twee keer achter elkaar niet bloggen (een gewoonte uitvoeren) maar niet van Leo Babauta en niet van James Clear dus vandaar deze blogpost. Ik heb namelijk wat anders bedacht. Februari begint mooi op een maandag en duurt vier weken, dat is volgens Babauta precies genoeg om een nieuwe gewoonte aan te wennen. Bij succes telt dat je 75 à 80% een eentje hebt ingevuld (en dus geen twee daden op een rij hebt gemist). Die 80% is dus het streven. En hij telt daar eerst een week voorbereiding vooraf bij op, maar met al die boeken en blogs heb ik die er wil in zitten.

Wat ik wil doen is dit weekend alles wat ik de afgelopen jaren heb geleerd nogmaals doorkijken en op basis daarvan een soort plan bedenken om in ieder geval het dagelijkse bloggen vol te houden en wat slechte gewoontes af te leren. Misschien post ik dat plan begin volgende week nog, dat weet ik nog niet.

Echt van theorie naar praktijk

Dat is het eerste deel van het plan. Het tweede deel bestaat eruit om hier begin maart te bloggen hoe het gegaan is. Wat werkte, wat niet en hoe kwam. Misschien kom ik dan in maart wel met een eigen ‘methode’, om daarmee dan deze serie af te sluiten.

Dat lijkt me een stuk interessanter – en veel meer iets met een stok achter de deur – dan weer een samenvatting die ook al op internet staat. Echt in actie komen dus. Hopelijk kan ik begin maart iets tonen wat echt heeft gewerkt voor mij.

Achtergrond

In 2015 deed ik mee met een blogreeks van Peter Pellenaars over Zen Habits – Mastering the art of change. En ik schreef eind dat jaar een vervolgreeks over hetzelfde boek. Gewoontes bleken de afgelopen jaren nogal een invloed op mij te hebben gehad. Daarom nu een hernieuwd onderzoek met daarbij ook de boeken The power of habit van Charles Duhigg, Good habits, bad habits van Wendy Wood en Atomic habits van James Clear.

~~~

Afbeelding van Larisa Koshkina via Pixabay

Hoe zien gewoontes eruit en hoe leer je ze aan (of af)?

Deze blogpost is deel 24 van 24 in de reeks Gewoontes

Voor je je een nieuwe gewoonte aan kunt leren (of juist af wilt leren) is het handig om te kijken hoe een gewoonte er nu uitziet volgens James Clear in zijn boek Atomic habits.

Een gewoonte doorloopt vier stadia in de tijd:

signaal -> hunkering -> antwoord -> beloning

De vier stappen toegelicht

Dit patroon van vier stappen is in elke gewoonte aanwezig. Laten we het nader bekijken om er betekenis aan te geven. Stap 1 is het signaal dat je brein aanzet tot een bepaald gedrag. Het signaal voorspelt een bepaalde beloning. Vroeger waren dat meestal signalen die gerelateerd zijn aan een plek die te maken heeft met primaire beloningen als eten, water of seks. Tegenwoordig zijn de beloningen vaak uitgesteld, zoals roem of geld, vriendschap, of liefde. Je brein is continu op zoek naar dit soort signalen.

Stap 2 is de hunkering. Als er een signaal is dat wijst op een beloning ga je hunkeren naar die beloning. En die hunkering maakt of breekt een gewoonte. Als het signaal geen verlangen of hunkering naar de beloning roept, is het verdomd lastig om ergens een goede gewoonte te maken. Tegenovergesteld is er geen hogere wiskunde nodig op te snappen dat juist die hunkering het zo moeilijk maakt om slechte gewoontes af te leren. Waar iemand naar hunkert of verlangt, verschilt per persoon.

Stap 3, het antwoord op het signaal en de hunkering, is het gedrag (waarvan je wilt dat het een gewoonte wordt of dat je juist wilt ontwennen als gewoonte). Wandelen, naar de sportschool versus roken of een vette hap naar binnen werken, zeg maar.

Stap 4 is de beloning. Het doel van de gewoonte, het goede gevoel dat het oplevert.

Appeltje eitje, toch?

Je doorloopt de vier stappen (die Clear Wetten noemt) en je hebt een gewoonte, voilà. Ik hoef je niet te vertellen dat het niet zo simpel is. Voor iets een gewoonte is heb je herhaling nodig. Je moet je brein trainen. Daar heeft heeft James Clear een model voor bedacht dat ik hier nu kort opschrijf maar morgen en overmorgen pas uitgebreider bespreek.

Wet -> Hoe creëer je een goede gewoonte?

  1. Signaal -> Maak het duidelijk
  2. Hunkering -> Maak het attractief
  3. Antwoord -> Maak het gemakkelijk
  4. Beloning -> Maak het bevredigend

Was je al opgevallen dat je de opdrachten na de pijl ook kunt ontkennen?

Achtergrond

In 2015 deed ik mee met een blogreeks van Peter Pellenaars over Zen Habits – Mastering the art of change. En ik schreef eind dat jaar een vervolgreeks over hetzelfde boek. Gewoontes bleken de afgelopen jaren nogal een invloed op mij te hebben gehad. Daarom nu een hernieuwd onderzoek met daarbij ook de boeken The power of habit van Charles Duhigg, Good habits, bad habits van Wendy Wood en Atomic habits van James Clear.

~~~

Afbeelding van Pexels via Pixabay

Gewoontes: van scorekaart naar identiteit

Deze blogpost is deel 23 van 24 in de reeks Gewoontes

Van gewoontes ben je je vaak niet bewust. Wist je dat volgens onderzoekers ongeveer 40 tot 50 procent van onze dagelijkse bezigheden bestaat uit gewoontes? Dan is het niet onlogisch dat je niet altijd in de gaten hebt dat je weer eens gewoontegetrouw bezig bent. En hoe kun je een gewoonte afleren als je je niet bewust van die betreffende gewoonte?

Daar heeft James Clear in zijn boek Atomic habits de Habit Score Card voor bedacht. Die hou je een aantal dagen bij en je schrijft het iedere keer op wanneer je iets doet. Dat lijkt misschien een hoop werk, mij in ieder geval wel, maar het kan je helpen in kaart te brengen hoe dagelijkse routine eruit ziet. Vergelijk het met De Tijdvinder. Die heeft me ook ooit geholpen dus misschien ga ik die scorekaart ook nog gebruiken.

Als je je activiteiten op hebt geschreven dan zie misschien patronen, of mogelijkheden. Kijk maar: als ik gewoonte ‘A’ doe doe ik daarna gewoonte ‘B’. Dat soort patronen kunnen helpen. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt namelijk dat het helpt als je een nieuwe gewoonte op een vaste tijd en locatie uitvoert. En het werkt nog beter als je dat als formule opschrijft: om 17:00 ruim ik op mijn werkkamer mijn bureau op. Oftewel in formule Om [tijdstip van nieuwe gewoonte] [locatie nieuwe gewoonte] [nieuwe gewoonte]. Deze formule staat overigens ook in The power of habit van Charles Duhigg.

Een variant op deze formule noemt James Clear habit stacking, gewoontes stapelen. Gebruik indien nodig je gewoontescorekaart weer. Je ziet dat je iedere werkdag om 17:00 uur stopt. Dat is een bestaande gewoonte. Daaraan kun je een nieuwe gewoonte koppelen. Je wilt na de werkdag een half uurtje gaan wandelen. Dat ziet er in formulevorm als volgt uit. Na [bestaande gewoonte] ga ik [nieuwe gewoonte]. Dit koppelen van gewoontes werd in het boek van Babauta vergeleken met een hartslag.

Soms heb je gewoon geen zin in je (nieuwe) gewoonte (in aanbouw). Maar dat is maar net hoe je er naar kijkt. Volgens Clear gaat het er om te niet te kijken naar het doel (ook de verliezers van de marathon hadden het doel de wedstrijd te winnen) maar het proces dat de opmaat op weg naar het doel. Een doel is een uitkomst. Vergelijk het met het de doel van de reis: is dat de reis of de bestemming? En het zwarte gat als het doel bereikt is?

En: het doel is niet een blog te schrijven, maar blogger te worden (identiteit).

Bijna tot slot: het is niet ‘moeten’ maar ‘gaan’ of ‘mogen’. Niet: ik moet bloggen maar: ik ga bloggen, ik mag bloggen.

Tot slot: maak het jezelf niet moeilijk: begin in een uitvoering van 2 minuten en bouw dat stap voor stap op. Net als Babauta aanraadt.

Morgen gaan we naar de onderdelen kijken waaruit een gewoonte bestaat en naar kader waarmee je deze volgens James Clear aan dan wel af kunt leren.

Achtergrond

In 2015 deed ik mee met een blogreeks van Peter Pellenaars over Zen Habits – Mastering the art of change. En ik schreef eind dat jaar een vervolgreeks over hetzelfde boek. Gewoontes bleken de afgelopen jaren nogal een invloed op mij te hebben gehad. Daarom nu een hernieuwd onderzoek met daarbij ook de boeken The power of habit van Charles Duhigg, Good habits, bad habits van Wendy Wood en Atomic habits van James Clear.

~~~

Afbeelding van Engin Akyurt via Pixabay

Elke dag 1% beter. Een jaar lang?

Deze blogpost is deel 22 van 24 in de reeks Gewoontes

In de inleiding van zijn boek Atomic habits beschrijft James Clear hoe hij min of meer door een ongeluk met een baseballknuppel ontdekte hoe belangrijk gewoontes zijn. Een honkbalknuppel kwam vol in zijn gezicht terecht omdat die bij het slaan uit de handen van een medeleerling vloog. Hierdoor gingen zijn sportieve aspiraties voorlopig de ijskast in. Maar waar anderen gingen feesten besloot Clear zich toe te leggen op zijn studie. Dat deed hij door zich allerlei goede gewoontes aan te wennen, zoals op tijd tijd naar bed gaan.

Zijn sportcarrière gaf hij niet op en ook daar haalde hij resultaat doordat hij in staat was gewoontes te maken van allerlei oefeningen waar hij een betere sporter van werd. Het leidde er tijdens zijn studie zelfs toe dat hij van een reservepositie opklom naar een landelijk all star team.

Uiteindelijk leidde het niet tot een leven als topsporter maar zijn interesse in gewoontes bleef. Hij begon te bloggen over wat hij leerde, combineerde dat met een succesvolle nieuwsbrief, daarna met een academie en het boek dat ik heb gelezen. Een boek met interessante verhalen dat ook nog eens tot actie aanzet. Daarbij moet ik wel bij zeggen dat ik het boek in drie dagen heb gelezen en ik het gisteren uit had dus of de resultaten beklijven valt nog te bezien.

Die ene procent

Toen Dave Brailsford begin deze eeuw het Britse wielrennen onder zijn hoede kreeg, lag dat eigenlijk al een eeuw op zijn gat. Het was zelfs zo erg dat fietsfabrikanten van het Europese vasteland hun materiaal niet aan Britse teams wilden leveren omdat ze dan als losers gezien zouden kunnen worden. Het las dus voor de hand dat Brailsford het roer radicaal om zou gooien. Maar dat deed hij niet. Hij zocht juist overal naar kleine beetjes. De zadels werden anders afgesteld, de banden werden anders schoongemaakt, er kwam een hartslagmeter, resultaten werden meetbaar gemaakt, enzovoorts. Niets radicaals dus, maar het streven was elk detail 1 procent beter te maken. En het resultaat kwam. Vanaf 2008 domineerden de Britten bij het baanwielrennen op de Olympische Spelen en 2012 won Bradley Wiggins als eerste Brit de Tour de France, waarna Chris Froome dat ook nog eens vier keer deed.

Alles één procent beter, samengestelde rente dus. Het was iets wat James Clear fascineerde. Veel van wat Brailsford met zijn wielrenners deed, had te maken met gewoontes. Wat nu als je jezelf elke dag één procent kunt verbeteren? Niet lineair maar een verbetering in een percentage, een percentage dat in absolute dus steeds groter wordt. Stel je voor dat dat kan? Een jaar lang? Een leven lang? Kan dat met gewoontes? Met goede gewoontes, wel te verstaan want James Clear is er zich maar al te zeer van bewust dat het omgekeerde, elke dag één procent slechter, ook kan met slechte gewoontes.

Uitdaging

Ik heb mijn rekenmachine er nog niet bij gepakt,maar die ene procent verbetering per dag : ik vind het wel een uitdaging die ik aan wil gaan. En met de verhalen van Brailsford, Clear en nog een paar anderen, gecombineerd met een model dat er heel eenvoudig uitziet, lijkt het ook nog te doen ook. Dus ik pak de handschoen op. Jij ook? De komende dagen meer over het model.

Achtergrond

In 2015 deed ik mee met een blogreeks van Peter Pellenaars over Zen Habits – Mastering the art of change. En ik schreef eind dat jaar een vervolgreeks over hetzelfde boek. Gewoontes bleken de afgelopen jaren nogal een invloed op mij te hebben gehad. Daarom nu een hernieuwd onderzoek met daarbij ook de boeken The power of habit van Charles Duhigg, Good habits, bad habits van Wendy Wood en Atomic habits van James Clear.

~~~

Afbeelding van Gerd Altmann via Pixabay

Er was nog een boek over…

Deze blogpost is deel 21 van 24 in de reeks Gewoontes

Vorig jaar heb ik in een serie uitgebreid stilgestaan bij gewoontevorming. Toen ik de serie beëindigde, schreef ik dat er nog een boek was: Atomic habits van James Clear, maar dat ik dat niet ging bespreken. Inmiddels ben ik van gedachte veranderd en heb ik het toch gelezen. Het boek is uit 2018 en uit de Acknowledgments blijkt dat het helemaal niet zo gek is dat ik al die boeken over hetzelfde onderwerp lees want Clear bedankt Babauta en Duhigg en raadt zijn lezers aan hun werk ook te lezen als Atomic habits bevalt. Het signaal – routine – beloning model van Duhigg komt ook in de lopende tekst naar voren omdat het lijkt op het model dat Clear zelf presenteert, maar daarover in een volgende post meer.

Nu wil ik het hebben over waarom ik dit boek alsnog gelezen heb. Dat komt simpelweg doordat ik me ben gaan realiseren hoe leuk iets kan worden door er een gewoonte van te maken. Dat merk ik de laatste maanden dus echt met schrijven en bloggen. Vroeger vond ik het ook prettig om te doen en ik kreeg ook regelmatig te horen dat iets wat ik geschreven had mooi was of interessant – bijvoorbeeld omdat lezers van mijn blog erop reageren. Altijd fijn.

Maar schrijven bleef altijd iets voor erbij – behalve dan tijdens de korte periode bij Reëlle Communicatie. Maar daar had ik ook andere taken zodat ik vaak maar één tekst in de week of zo schreef. Mooie tijd en veel aan te danken. Het idee achter dit blog bijvoorbeeld.

Herhaling = plezier

Wandelen doe ik vaak en dat levert plezier op. Lang heb ik dagelijks programmeeropdrachten gemaakt en daar haalde ik ook veel plezier uit. En nu merk ik dat met schrijven: ik doe het (bijna) dagelijks en haal er heel veel plezier uit. Dat is iets wat me fascineert en wat ik iedereen gun.

Er is nog een belangrijkere reden. Ik heb gewoontevorming opgenomen als een (klein) onderdeel van mijn boek in wording. Niet alleen omdat het mij persoonlijk goed doet maar omdat ik er van overtuigd ben dat anderen er ook baat bij kunnen hebben. Waarom denk je dat ik erover blog? En er viel me nog iets anders op bij de research voor het: behandelaars hebben wandel- of hardlooptrainingen. Daar kun je dus een dagelijkse gewoonte van maken. En als wandelen of hardlopen als training aangeboden wordt, dan wil best wijzen op technieken om er een gewoonte van te maken.

En dus heb ik dit weekend met heel veel plezier Atomic habits van James Clear gelezen. Er is trouwens ook een Nederlandse vertaling: Elementaire gewoontes.

Achtergrond

In 2015 deed ik mee met een blogreeks van Peter Pellenaars over Zen Habits – Mastering the art of change. En ik schreef eind dat jaar een vervolgreeks over hetzelfde boek. Gewoontes bleken de afgelopen jaren nogal een invloed op mij te hebben gehad. Daarom nu een hernieuwd onderzoek met daarbij ook de boeken The power of habit van Charles Duhigg, Good habits, bad habits van Wendy Wood en Atomic habits van James Clear.

~~~

Afbeelding van David Mark via Pixabay